Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Het huwelijk tussen partijen werd in 2014 ontbonden. De vrouw verzocht in 2017 de rechtbank om partneralimentatie van €750 per maand vanaf de datum van het verzoek. De rechtbank wees dit af, waarna de vrouw in hoger beroep ging.
De man stelde dat de vrouw afstand had gedaan van haar recht op alimentatie en dat haar grievend gedrag het recht op alimentatie uitsloot. Het hof oordeelde dat geen afstand was bewezen en dat wangedrag of grievend gedrag niet zonder meer leidt tot het vervallen van alimentatieverplichtingen, conform jurisprudentie van de Hoge Raad.
Het hof stelde vast dat de vrouw haar behoefte aan alimentatie niet aannemelijk had gemaakt. Haar psychische situatie en sollicitatie-inspanningen waren onvoldoende onderbouwd, en zij verscheen niet ter zitting. De man had gemotiveerd betwist dat zij haar verdiencapaciteit niet volledig benut. Daarom werd het verzoek afgewezen en de beschikking van de rechtbank bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot partneralimentatie af omdat de vrouw haar behoefte onvoldoende heeft onderbouwd, ondanks het niet onaanvaardbaar achten van haar alimentatierecht bij wangedrag.