Uitspraak
[appellant] ,
1.[geïntimeerde1] ,
[geïntimeerde1],
[geïntimeerde2],
[geïntimeerden] c.s.,
1.Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
3.Slotsom
812,08
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze civiele zaak stond centraal of de geïntimeerden onrechtmatig hadden gehandeld door goederen, deels aan de openbare weg geplaatst, af te voeren zonder toestemming van appellant. Het hof heeft het bewijs beoordeeld dat appellant leverde ter onderbouwing van zijn stellingen dat geïntimeerden het initiatief hadden genomen tot de afvoer en zich als rechthebbende hadden gepresenteerd.
Het hof nam getuigenverklaringen in overweging, waaronder die van een getuige die zag dat goederen werden geladen door een derde en dat één van de geïntimeerden aanwijzingen gaf. Deze waarnemingen waren echter onvoldoende eenduidig om het initiatief of de beschikkingsbevoegdheid van geïntimeerden aan te tonen. Ook de verklaring van appellant zelf kon het bewijs niet aanvullen.
Daarmee is het onrechtmatig handelen van geïntimeerden niet komen vast te staan. De grieven van geïntimeerden in het incidenteel hoger beroep slaagden, waardoor het hof het vonnis van de rechtbank vernietigde en de vorderingen van appellant afwees. Tevens werd appellant veroordeeld in de proceskosten van beide instanties.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vorderingen van appellant af wegens onvoldoende bewijs van onrechtmatig handelen.