Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
heffingsambtenaarvan de
Belastingsamenwerking Rivierenland(hierna: de heffingsambtenaar)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende is eigenaar van een vrijstaande woning te [Z], gebouwd in 1963, met een inhoud van 400 m3 en een perceel van 7.920 m2. De heffingsambtenaar stelde de WOZ-waarde per 1 januari 2016 vast op €347.000. Belanghebbende maakte bezwaar en kwam in beroep tegen de uitspraak van de heffingsambtenaar en rechtbank, stellende dat de waarde te hoog was en stelde een waarde van €304.000 voor.
Het hof beoordeelde het taxatierapport van de heffingsambtenaar, waarin drie vergelijkbare woningen in de gemeente Geldermalsen werden gebruikt om de waarde te bepalen. De taxateur hield rekening met onderhoudsgebreken zoals scheurvorming en lekkage, en corrigeerde de ligging van de woning met een factor 5 (beneden gemiddeld), wat een waardedruk van 5% op de m2-prijs betekent.
Het hof achtte de vergelijkingsobjecten voldoende vergelijkbaar en vond dat de heffingsambtenaar aannemelijk had gemaakt dat de vastgestelde waarde niet te hoog was. De door belanghebbende aangevoerde argumenten over de ligging en eerdere lagere taxaties waren onvoldoende om de waarde te verlagen. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €347.000 wordt bevestigd.