Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
2.De vaststaande feiten
3.De beoordeling
4.11.1
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze civiele zaak stond centraal of een mededeling in een productfolder van Uponor, waarin kunststofbuizen werden aangeprezen als bestand tegen een constante werktemperatuur van 95°C, misleidende reclame vormde en of Nathan en Uponor aansprakelijk waren voor schade door lekkages in drinkwaterleidingen.
Vivantes had de buizen tussen 1998 en 2002 laten aanbrengen in vier woonzorgcentra, waarna vanaf 2005 lekkages ontstonden. De rechtbank oordeelde dat de aanprijzing misleidend was, maar verwierp aansprakelijkheid wegens onvoldoende bewijs van causaal verband. Vivantes voerde hoger beroep met drie grieven, Nathan en Uponor incidenteel beroep tegen het oordeel over misleiding.
Het hof bevestigde dat de aanprijzing misleidend was, maar oordeelde dat Vivantes onvoldoende had gesteld dat de beslissing tot aanschaf van de buizen op die aanprijzing was gebaseerd. Ook was onvoldoende aannemelijk dat de aanprijzing een rol speelde bij latere beslissingen om de aanvoertemperatuur te verhogen, wat mede de lekkages veroorzaakte. De stelplicht en bewijslast rusten op Vivantes, en zij faalde daarin.
Het hof verwees naar het World Online-arrest en benadrukte dat de folder zich richtte op technisch onderlegde professionals, waardoor de bewijsproblemen voor beleggers niet van toepassing zijn. De beslissing tot temperatuurverhoging werd zonder deskundig advies genomen, wat mede de schade veroorzaakte. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde Vivantes in de kosten.
Uitkomst: Het hof wijst de vorderingen van Vivantes af wegens onvoldoende causaal verband en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank.