ECLI:NL:GHARL:2019:198
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Partneralimentatie met terugwerkende kracht op nihil gesteld wegens niet voldoen aan wettelijke maatstaven
Partijen zijn in 2013 gescheiden en hebben twee meerderjarige kinderen. De man werd bij beschikking van 24 december 2013 verplicht partneralimentatie te betalen aan de vrouw. Later bleek dat de vrouw vanaf 16 september 2013 met eigen inkomen in haar behoefte kon voorzien, waardoor de alimentatie met terugwerkende kracht op nihil werd gesteld.
De vrouw vorderde in hoger beroep een hogere partneralimentatie vanaf 3 februari 2016, de datum waarop haar WW-uitkering eindigde. Het hof oordeelde echter dat de vrouw onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij vanaf die datum recht had op alimentatie, mede vanwege haar gebrek aan openheid over inkomsten en het feit dat zij pas in augustus 2016 een verzoek tot verhoging indiende.
Voor de periode van 27 augustus 2016 tot 27 augustus 2017 werd de partneralimentatie van € 715,- per maand bekrachtigd. Vanaf 27 augustus 2017 stelde het hof de alimentatie op nihil, omdat de vrouw onvoldoende had onderbouwd dat zij niet in haar onderhoud kon voorzien. De kosten van het hoger beroep werden gecompenseerd, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Partneralimentatie wordt met terugwerkende kracht op nihil gesteld vanaf 27 augustus 2017 vanwege onvoldoende onderbouwing van behoeftigheid.