Uitspraak
1.[appellant] ,
[appellant],
[appellante],
[appellanten] c.s.,
De Marken,
1.Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
2.De vaststaande feiten
3.Het geschil en de beslissing in eerste aanleg
4.De beoordeling van de grieven en de vordering
Grief 2 tot en met 4zijn gericht tegen het oordeel van de rechtbank dat een hardhandige wijze van ontruiming waardoor goederen zijn vernietigd niet kan worden aangenomen. In
grief 6komen [appellanten] c.s. op tegen de afwijzing van zaakwaarneming.
Grief 1, 5, 7, 8 en 18behelzen in de kern een klacht over de wijze waarop de rechtbank de zorgplicht van de deurwaarder heeft ingevuld. De
overige grieven (9, 10 tot en met 17 en 19 tot en met 20)hebben betrekking op de schadebegroting door de rechtbank.
I tot en met VI, waarbij zij zich in essentie keert tegen de door de rechtbank aangenomen zorgplicht van de deurwaarder, de schadebegroting en de proceskostenveroordeling.