Belanghebbende heeft een verzuimboete van €2.941 opgelegd gekregen wegens het niet tijdig betalen van dividendbelasting. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden oordeelt anders.
Het hof stelt vast dat de betaling op 7 februari 2017 plaatsvond, na de wettelijke termijn van 30 januari 2017. Belanghebbende stelde dat de overschrijding verschoonbaar was vanwege ziekte van de gemachtigde en verwarring over de uitspraak op bezwaar. Het hof acht de termijnoverschrijding verschoonbaar, mede door een e-mail van de inspecteur die verwarring veroorzaakte en het daaropvolgende hoorgesprek.
De boete wordt wel gematigd omdat de hoogte niet in verhouding staat tot de ernst van het verzuim. De coulanceregeling is niet van toepassing omdat de betaling een dag te laat was. Het hof vermindert de boete tot €1.500 en veroordeelt de inspecteur tot vergoeding van de proceskosten en griffierechten.