Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
(zaaknummers rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht 1619207, 1619205 en 1619206)
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Nassau Bolwerk Beheer, Zuidervast Beheer II en Macéka Vastgoed Baarn (gezamenlijk Nassau c.s.) werden door de rechtbank Midden-Nederland op verzoek van RNHB in staat van faillissement verklaard. RNHB had financieringen verstrekt en zekerheidsrechten uitgeoefend nadat zij de leningsportefeuille van FGH had overgenomen.
In hoger beroep betwistten Nassau c.s. de faillietverklaring en stelden dat RNHB onrechtmatig had gehandeld, waardoor geen vordering zou bestaan. Het hof oordeelde dat RNHB’s vordering summierlijk was bewezen en dat het onrechtmatig handelen niet aannemelijk was, mede gelet op eerdere kortgedinguitspraken.
Verder bleek Nassau c.s. meerdere schuldeisers onbetaald te laten en niet over voldoende middelen te beschikken om alle schulden en faillissementskosten op korte termijn te voldoen. Hoewel een betalingsaanbod aan concurrente crediteuren was gedaan en geaccepteerd, was dit niet volledig uitgevoerd.
Het hof concludeerde dat Nassau c.s. in de toestand verkeren van te hebben opgehouden te betalen en dat het pluraliteitsvereiste was voldaan. Het hoger beroep faalde en de vonnissen van de rechtbank werden bekrachtigd zonder toewijzing van proceskosten aan RNHB.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de faillissementsvonnissen en wijst het hoger beroep van Nassau c.s. af wegens betalingsonmacht.