Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
[verdachte] ,
Het hoger beroep
Onderzoek van de zaak
Het vonnis waarvan beroep
De tenlastelegging
het hof begrijpt: richting [plaats 1]). Aangever is vervolgens naar [locatie 2] aan de [straat 2] gegaan en hij kwam daar circa 10 minuten later aan. Daar is direct 112 gebeld. [2]
scenario's 3 en 4betreffen niet daadwerkelijk alternatieve scenario's, maar gaan uit van verdachte als dader waarbij de verdediging op in haar visie onlogische aspecten wijst. Deze verweren worden in die zin besproken dat het hof van oordeel is dat de door het hof gehanteerde bewijsmiddelen betrouwbaar zijn. Er bestaat geen enkele aanleiding te twijfelen aan de inhoud van de aangifte, de inhoud van de 112-melding, in combinatie met hetgeen [getuige 1] heeft verklaard en de gemeten gps-locaties. Deze bewijsmiddelen komen op hoofdlijnen, maar ook op details overeen. Hetgeen de verdediging aanvoert als “niet logische” betrokkenheid van verdachte bij de beroving maakt niet dat aan de betrouwbaarheid van het bewijs wordt getwijfeld.
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Strafbaarheid van de verdachte
Oplegging van straf en/of maatregel
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde]
Vordering herroeping voorwaardelijke invrijheidstelling
Opheffing schorsing voorlopige hechtenis
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
4 (vier) jaren.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde]
€ 7.764,47 (zevenduizend zevenhonderdvierenzestig euro en zevenenveertig cent) bestaande uit € 264,47 (tweehonderdvierenzestig euro en zevenenveertig cent) materiële schade en € 7.500,00 (zevenduizend vijfhonderd euro) immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
€ 7.764,47 (zevenduizend zevenhonderdvierenzestig euro en zevenenveertig cent) bestaande uit € 264,47 (tweehonderdvierenzestig euro en zevenenveertig cent) materiële schade en € 7.500,00 (zevenduizend vijfhonderd euro) immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
73 (drieënzeventig) dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
9 september 2016.
Vordering herroeping voorwaardelijke invrijheidstelling
517 dagen.