Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
inspecteurvan de
Belastingdienst/Kantoor Arnhem(hierna: de Inspecteur)
[Z](hierna: belanghebbende)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende, een zelfstandig osteopaat, heeft omzetbelasting voldaan over meerdere kwartalen in 2013 en 2014. Hij maakte bezwaar tegen deze voldoeningen, maar de Inspecteur verklaarde deze bezwaren niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding. De rechtbank oordeelde anders en kende teruggaaf toe.
De Inspecteur stelde hoger beroep in. Het hof oordeelde dat belanghebbende pas in oktober 2016 daadwerkelijk bezwaar maakte tegen de betreffende kwartalen, wat te laat was. De eerdere brieven uit 2013 werden niet als geldige bezwaren tegen toekomstige aangiften beschouwd, mede omdat er geen akkoord was van de Inspecteur op de voorgestelde procedure.
Het hof verwierp het standpunt dat sprake was van prematuur bezwaar en dat de wetswijziging een voor bezwaar vatbare beschikking vormde. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het hof verklaart het beroep ongegrond wegens te late indiening van bezwaren zonder verschoonbare termijnoverschrijding.