Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z] (Duitsland)(hierna: belanghebbende)
inspecteurvan de
Belastingdienst(hierna: de Inspecteur)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende, samen met anderen bestuurder en aandeelhouder van een Holding en een B.V., werd geconfronteerd met navorderingsaanslagen IB/PVV over 2014 en 2015, inclusief vergrijpboetes en belastingrente. De Inspecteur stelde dat belanghebbende een aanmerkelijk belang had en een gebruikelijk loon moest worden toegerekend, waarop vergrijpboetes werden opgelegd wegens opzet.
De Rechtbank had de aanslag en boetes over 2014 verminderd, maar de aanslagen en boetes over 2015 grotendeels bevestigd. Belanghebbende ging in hoger beroep tegen deze uitspraak. Het Hof stelde vast dat de Stichting fiscaal transparant was, waardoor belanghebbende inderdaad een aanmerkelijk belang had en een gebruikelijk loon moest worden vastgesteld.
Het Hof bepaalde het gebruikelijk loon voor 2014 op € 6.150 en voor 2015 op € 44.000. De contante opnamen en uitgaven van de B.V. werden niet als privé-onttrekkingen aangemerkt. De vergrijpboetes werden vernietigd omdat de Inspecteur niet had voldaan aan de bewijslast voor opzet. Het Hof bevestigde de overige uitspraken van de Rechtbank en veroordeelde de Inspecteur tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het Hof vermindert de aanslagen IB/PVV 2014 en 2015, vernietigt de boetebeschikkingen 2014 en 2015 en veroordeelt de Inspecteur in proceskosten en griffierecht.