Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoeker in hoger beroep,
stichting Samen Veilig Midden-Nederland,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Uit de beëindigde relatie van de ouders zijn drie minderjarige kinderen geboren, waarvan het gezag over de oudste, [de minderjarige1], onderwerp van geschil is. De kinderen zijn sinds 2017 uit huis geplaatst en onder toezicht gesteld van een gecertificeerde instelling (GI). [de minderjarige1] verblijft sinds juli 2020 in een gespecialiseerd gezinshuis vanwege ernstige gedragsproblemen en traumatische ervaringen.
De rechtbank heeft het gezag van de vader over [de minderjarige1] beëindigd, wat de vader in hoger beroep aanvecht. Hij stelt dat hij zijn leven positief heeft veranderd en op termijn het gezag zou kunnen dragen, met aandacht voor de islamitische opvoeding van zijn zoon. De raad en GI benadrukken echter de langdurige onveilige thuissituatie, de ernstige trauma’s van het kind en de noodzaak van continuïteit en stabiliteit in de huidige gespecialiseerde zorgomgeving.
Het hof overweegt dat de aanvaardbare termijn voor terugplaatsing is verstreken en dat het belang van het kind bij rust en stabiliteit prevaleert boven de positieve ontwikkelingen bij de vader. Een onderzoek naar terugplaatsing wordt daarom niet gelast. Wel wordt het belang van contact tussen vader en kind erkend, waarbij het contact op afstand gestructureerd zal worden.
Het hof bekrachtigt de beschikking van de rechtbank en wijst het verzoek van de vader af, waarmee het gezag van de vader over [de minderjarige1] definitief wordt beëindigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beëindiging van het gezag van de vader over zijn zoon en wijst het hoger beroep af.