ECLI:NL:GHARL:2020:2383
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hof vernietigt afwijzing voorlopig getuigenverhoor en verwijst zaak terug naar rechtbank
In deze civiele procedure heeft appellant bij de rechtbank verzocht om een voorlopig getuigenverhoor om duidelijkheid te verkrijgen over de afspraken tijdens gesprekken met Rabobank in juni 2018. De rechtbank had aanvankelijk dit getuigenverhoor bevolen, maar later alsnog afgewezen omdat appellant de geluidsopname van een bespreking niet had overgelegd.
Appellant stelde hoger beroep in tegen deze afwijzing. Rabobank, de geïntimeerde, heeft geen verweer gevoerd en erkende dat appellant technisch niet in staat was de geluidsopname te overleggen. Het hof oordeelde dat de afwijzing onterecht was en vernietigde de beschikking van de rechtbank.
Het hof bepaalde dat het voorlopig getuigenverhoor alsnog moet plaatsvinden zoals oorspronkelijk bevolen en verwees de zaak terug naar de rechtbank voor verdere afdoening. De kosten van beide instanties worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hof vernietigt de afwijzing van het voorlopig getuigenverhoor en verwijst de zaak terug naar de rechtbank voor verdere behandeling.