Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- het beroepschrift, ingekomen op 12 maart 2020;
- het verweerschrift met producties 1 tot en met 8;
- een journaalbericht van mr. Koop van 28 april 2020 met productie 9;
- de email van mr. Koop van 30 april 2020 met als bijlage spreekaantekeningen, en
- de email van mr. Snel van 1 mei 2020 met als bijlage een standpuntenstuk.
- [verzoeker] vanuit zijn kantoor met kantoorgenoot [A.] als toehoorder, bijgestaan vanuit het advocatenkantoor door mrs. M. Snel-de Kroon en K. Dijks-Bouwknegt als advocaten waarnemend voor mr. Selcraig voornoemd, en
- [verweerster] , bijgestaan door haar advocaat vanuit het advocatenkantoor, gezamenlijk met de oma van [verweerster] , eveneens [naam] genaamd, en [B.] , begeleidster van [verweerster] , als toehoorders.
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
- de voorlopige voorziening te treffen van het schorsen van het ontslag van [verzoeker] als curator voor de duur van de onderhavige procedure in hoger beroep (zaaknummer 200.275.431/02), en
- de bestreden beschikking te vernietigen en opnieuw beschikkende, al dan niet onder aanvulling dan wel verbetering van de gronden, het verzoek van [verweerster] om ontslag van [verzoeker] als curator alsnog af te wijzen (zaaknummer 200.275.431/01).
- het hoger beroep ongegrond te beoordelen, omdat de grieven van [verzoeker] falen;
- de bestreden beschikking te bekrachtigen;
- het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening, inhoudende de schorsing van de uitvoerbaarverklaring bij voorraad van de bestreden beschikking af te wijzen,