ECLI:NL:GHARL:2020:64
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Wijma
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen sanctie wegens niet rechts houden op fietspad
De betrokkene werd gesanctioneerd met een boete van €90 wegens het niet zoveel mogelijk rechts houden op een fietspad, waarbij hij op het fietspad aan de overzijde van de weg reed, bedoeld voor verkeer in de andere rijrichting.
De gemachtigde van de betrokkene stelde dat de betrokkene niet was opgeroepen voor de zitting en dat het beroep tegen de inleidende beschikking ten onrechte niet-ontvankelijk was verklaard. Het hof oordeelde dat de gemachtigde wel degelijk correct was opgeroepen en dat het beroep tegen de inleidende beschikking een geldige beroepsgrond bevatte, waardoor de beslissing van de officier van justitie ten onrechte niet-ontvankelijk werd verklaard.
De inhoudelijke bezwaren tegen de sanctie werden door het hof ongegrond verklaard, omdat de betrokkene inderdaad niet op het juiste fietspad reed, wat een overtreding is van artikel 3, eerste lid, RVV 1990. Het hof vernietigde daarom de beslissing van de kantonrechter en de officier van justitie, verklaarde het beroep tegen de inleidende beschikking ongegrond en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie wordt gegrond verklaard, de beslissing van de kantonrechter wordt vernietigd, maar het beroep tegen de inleidende beschikking wordt ongegrond verklaard.