Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
heffingsambtenaarvan de
gemeente Ommen(hierna: de heffingsambtenaar)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende kreeg een aanslag forensenbelasting opgelegd voor een gemeubileerde recreatiewoning gelegen op een recreatieterrein, maar die niet als zodanig werd gewaardeerd volgens de Wet WOZ. De heffingsambtenaar hanteerde een lager tarief voor woningen op recreatieterreinen dan voor vergelijkbare woningen elders, wat belanghebbende aanvocht als strijdig met het gelijkheidsbeginsel.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar het hof oordeelde dat het onderscheid in tariefstelling niet gerechtvaardigd was. Het hof stelde vast dat woningen in dezelfde waardeklasse gelijk behandeld moeten worden en dat de lagere heffing voor recreatiewoningen zonder WOZ-waarde geen rechtvaardiging kent. De aanslag werd daarom verminderd tot het lagere tarief van € 225.
Daarnaast kende het hof belanghebbende een vergoeding van € 500 toe voor immateriële schade door overschrijding van de redelijke termijn. De heffingsambtenaar werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten. Het hoger beroep werd gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.
Uitkomst: De aanslag forensenbelasting wordt verminderd tot € 225 wegens strijd met het gelijkheidsbeginsel.