Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[betrokkene] (hierna: de betrokkene),
De beslissing van de kantonrechter
Het verloop van de procedure
De advocaat-generaal heeft de gelegenheid gekregen daarop te reageren. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.
De advocaat-generaal is vertegenwoordigd door [C] .
Beoordeling
De bij feitcode K405 behorende gedraging is een overtreding van artikel 5, eerste lid juncto derde lid, van het op de WVW 1994 gebaseerde Kentekenreglement (verder: Kr), zoals dat ten tijde van de gedraging luidde:
“(…). Het Europese embleem en de landenindicator moeten in geel respectievelijk in wit zijn aangebracht op een blauwe retroreflecterende achtergrond overeenkomstig de modellen D1 of D2 van de bijlage.”
10. Tenslotte wijst het hof op artikel 7 van Pro de Rkk waarin in lid 9, voor zover hier van belang, nog is bepaald dat op de kentekenplaat geen teken of middel mag zijn aangebracht dat de herkenning van het kenteken bemoeilijkt of kan bemoeilijken.