Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep inzake het gezamenlijk gezag over twee kinderen en de vaststelling van kinderalimentatie. De ouders waren gescheiden en oefenden tot dan gezamenlijk gezag uit. De rechtbank had het gezamenlijk gezag beëindigd en een kinderalimentatie vastgesteld die de vrouw aan de man moest betalen.
De vrouw kwam in hoger beroep tegen de beëindiging van het gezag en tegen de hoogte van de kinderalimentatie. Het hof oordeelde dat het gezamenlijk gezag over de minderjarige terecht was beëindigd vanwege communicatieproblemen tussen de ouders, waardoor het belang van het kind beter gediend is met eenhoofdig gezag bij de man. Herstel van het gezag over de meerderjarige was niet mogelijk.
Ten aanzien van de kinderalimentatie nam het hof de lagere, achteraf definitief berekende Wajong-uitkering van de vrouw mee, waardoor haar draagkracht lager bleek dan eerder aangenomen. De kinderalimentatie werd daarom vastgesteld op € 25 per kind per maand met ingang van 30 juli 2019. De man hoeft eventueel te veel betaalde alimentatie niet terug te betalen. De overige grieven van de vrouw en het incidenteel hoger beroep van de man werden afgewezen.