De terbeschikkinggestelde, verblijvend in het Centrum voor Transculturele Psychiatrie Veldzicht, was in beroep gegaan tegen de verlenging van zijn terbeschikkingstelling door de rechtbank voor twee jaar. De terbeschikkinggestelde en zijn raadsman stelden dat de behandeling afgerond was en dat een verlenging van twee jaar niet nodig was, met het verzoek om verlenging voor één jaar om zo spoedig mogelijk terug te keren naar Polen.
Het openbaar ministerie betoogde dat er sprake is van een stoornis met gevaar voor herhaling, waarbij medicatietrouw essentieel is en langdurige behandeling noodzakelijk blijft. De rechtbank had de verlenging voor twee jaar bevestigd, maar het hof vernietigde deze beslissing en kwam tot een andere beoordeling.
Het hof oordeelde dat hoewel de behandeling meer tijd zal vergen dan één jaar, de vreemdelingenstatus van de terbeschikkinggestelde de mogelijkheden tot resocialisatie in Nederland beperkt. Daarom wordt afgeweken van het uitgangspunt van twee jaar verlenging en wordt de terbeschikkingstelling met één jaar verlengd, met het oog op repatriëring naar Polen en behoud van een passend juridisch kader voor toezicht en begeleiding.
Het hof benadrukte dat deze verlenging niet impliceert dat de terbeschikkingstelling na dat jaar automatisch zal worden beëindigd of opnieuw slechts voor één jaar verlengd. De terbeschikkinggestelde blijft onder toezicht en behandeling, waarbij het netwerk in Polen wordt betrokken voor een mogelijke voortzetting van de zorg.
De beslissing werd op 17 juni 2021 in het openbaar uitgesproken door het hof Arnhem-Leeuwarden.