Uitspraak
[appellant],
1.[geïntimeerde1] q.q.,
de curatoren,
1.Het verdere verloop van de procedure bij het hof
2.De kern van de zaak
3.De feiten
1.INLEIDING
4.BESCHRIJVING VAN DE GEBEURTENISSEN
4.De beslissing van de rechtbank en de vorderingen in het hoger beroep
5.Het standpunt van de curatoren in het kort
6.De verweren van [appellant]
- hij al sinds 2004 geen bestuurder van het concern meer was;
- de faillissementen van het concern niet het gevolg zijn van zijn handelen, van (meer dan) tien jaren daarvoor;
- hij talloze verweren tegen de vermeende aanspraak van de curatoren naar voren heeft gebracht;
- de curatoren in de jaren 2014-2016, toen partijen nog contact met elkaar hadden, nooit inhoudelijk hebben gereageerd op die verweren;
- zij evenmin hun eigen stellingen hebben geconcretiseerd of met (deugdelijk) bewijs hebben gestaafd;
- in de faillissementsverslagen is beschreven dat de curatoren wel druk waren met onderhandelingen en (dreigende) procedures tegen andere bestuurders en commissarissen, maar daarin met geen woord hebben gerept over mogelijke acties tegen [appellant] .
] ASR/Achmea-arrest gaat de rechtbank ook voorbij aan de stelling van [appellant] dat, zo begrijpt de rechtbank, de verjaringstermijn al is gaan lopen vóórdat de schadevordering is ontstaan omdat de Heiploeg (c.q. haar functionarissen) bekend was of zou moeten zijn met het (ernstig) verwijtbare handelen van [appellant] en het vermoeden dat daardoor een kans op schade bestond.
- 20 mei 2008 (de dag volgend op de eerste compliance training die door Allen & Overy is gegeven)
- 17 november 2007 (de dag volgend op het formuleren van compliance maatregelen en compliance beleid na het aantreden van Gilde op 3 februari 2006 en/of de benoeming van [naam25] als bestuurder)
- 14 januari 2009 (daags na de beëindiging van het kartel)
- 24 maart 2009 (de inval van de Europese Commissie)
een gevolgvan de verboden prijsafspraken, maar betreft geen schade die op het moment van die kartelafspraken feitelijk al was geleden en zich pas later zou manifesteren. In dit geval blijft daarom het uitgangspunt overeind dat de schade pas wordt geleden op het moment dat de rechtsvordering tot schade is ontstaan. Dat wil zeggen, op het moment dat de kartelboete is opgelegd.
- Tussen partijen staat vast dat de faillissementen niet door de verweten gedragingen zijn veroorzaakt, maar door de penibele financiële situatie waarin Heiploeg en Heiploeg Beheer waren komen te verkeren. [appellant] is om die reden niet op grond van artikel 6:162 BW Pro aansprakelijk voor de vorderingen van de schuldeisers in de faillissementen (het boedeltekort). Het causaal verband tussen de verweten gedragingen en de schade (de boetevordering die deel uitmaakt van het boedeltekort) ontbreekt daarom.
- Het louter ontstaan van de boetevordering kwalificeert niet als schade. Die boete is niet betaald en maakt als concurrente vordering deel uit van de schulden van het faillissement. Het fixatiebeginsel bij faillissementen staat eraan in de weg dat de boete als schade kan worden verhaald. Op grond van dat beginsel staat namelijk niet alleen vast welke vorderingen en schulden op faillissementsdatum bestonden, maar staat ook vast dat een schuld zoals de kartelboete niet betaald is en niet betaald kan worden. Het genereren van een positief boedelsaldo ten behoeve van de schuldeisers, waardoor toch enige uitkering kan worden gedaan, maakt niet dat aan de zijde van de gefailleerde vennootschappen alsnog schade is ontstaan of is blijven bestaan die voor vergoeding in aanmerking zou moeten komen.
- Om het opleggen van een boete aan te kunnen merken als een vermogensvermindering en daarmee als schade, is vereist dat die boete daadwerkelijk wordt betaald. Dat zal in dit geval echter niet meer (geheel) gebeuren. Daarom is in feitelijk-economische zin geen schade geleden.
zonder meervoordelig is, en dat daar verder ook geen concrete aanknopingspunten voor zijn aangevoerd.
Het verweer van [appellant] en de vordering van de curatoren: de mate waarin [appellant] aan de schade dient bij te dragen
8.De door de curatoren gevorderde verwijzing naar de schadestaat
9.De door de curatoren gevraagde uitvoerbaarheid bij voorraad
10.De vorderingen van [appellant]
.