De terbeschikkinggestelde is sinds 1 juli 2012 onder de maatregel van terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege geplaatst. Op 9 november 2021 heeft de rechtbank Amsterdam de verpleging voorwaardelijk beëindigd, welke beslissing op 17 december 2021 aan de terbeschikkinggestelde is betekend en onherroepelijk is geworden per 1 januari 2022.
In het kader van de verlengingsprocedure heeft een psychiater op 22 maart 2022 geadviseerd de maatregel met een jaar te verlengen vanwege een laag tot laag-matig recidiverisico afhankelijk van structuur en toezicht. Reclassering Nederland onderschreef dit advies en benadrukte het belang van monitoring gedurende het komende jaar. De rechtbank heeft op 7 juli 2022 de verlenging van de maatregel met een jaar bevolen.
De terbeschikkinggestelde heeft beroep ingesteld tegen deze verlenging. Recentere adviezen van de reclassering van 6 oktober 2022 en de advocaat-generaal bepleiten beëindiging van de maatregel vanwege positieve ontwikkelingen, stabiliteit en zelfstandigheid van de terbeschikkinggestelde.
Het hof acht zich echter onvoldoende voorgelicht om een definitief oordeel te vellen en besluit de behandeling te heropenen en het onderzoek te schorsen tot 5 januari 2023. Het hof verzoekt de advocaat-generaal de reclassering uiterlijk 15 december 2022 een update te laten verstrekken over de voortgang. De zaak wordt daarna opnieuw behandeld, waarbij het hof tevens vaststelt dat de voorwaardelijke beëindiging van de verpleging op 1 januari 2023 een jaar zal hebben geduurd.