ECLI:NL:GHARL:2022:290
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Ch.E. Bethlem
- L.J. de Kerpel-van de Poel
- G.P. Oosterhoff
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete bij verkoop woning met niet-woonbestemming en verdeling schade tussen verkoper en makelaar
In deze civiele zaak draait het om de verkoop van een woning met een bijgebouw dat als bedrijfsruimte was bestemd en niet bewoond mocht worden, terwijl kopers dit bijgebouw als woonruimte wilden gebruiken. Verkoper wist van deze bestemming, maar heeft dit niet aan kopers of makelaar meegedeeld. Kopers ontbonden de koopovereenkomst en eisten betaling van een contractuele boete van 10% van de koopsom.
De rechtbank oordeelde dat verkoper tekortgeschoten was in zijn nakoming en veroordeelde hem tot betaling van de boete. In hoger beroep bevestigde het hof dit oordeel, stellende dat de woning niet voldeed aan de verwachtingen van kopers en dat verkoper zijn onderzoeksplicht en mededelingsplicht had geschonden. Ook de door verkoper gevorderde matiging van de boete werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
In de vrijwaringszaak stelde verkoper zijn makelaar aansprakelijk wegens onvoldoende onderzoek naar de bestemming van de woning. Het hof oordeelde dat makelaar weliswaar tekortgeschoten was, maar dat de schade geheel voor rekening van verkoper blijft vanwege diens verzwijging van de werkelijke bestemming. Het hof bekrachtigde de vonnissen van de rechtbank en veroordeelde verkoper in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Verkoper moet de boete van 10% van de koopsom betalen wegens non-conformiteit en draagt de volledige schade ondanks tekortkoming makelaar.