Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),
De beslissing van de kantonrechter
Het verloop van de procedure
De beoordeling
1 april 2021, vindplaatsen op rechtspraak.nl: ECLI:NL:GHARL:2020:3336 en 2021:1786).
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De betrokkene werd door de officier van justitie beboet wegens het onnodig veroorzaken van geluid met zijn motorvoertuig door het op hoge toeren laten ronken van de motor. De kantonrechter verklaarde het beroep van de betrokkene ongegrond en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af.
In hoger beroep stelde de gemachtigde van de betrokkene dat de motivering van de officier van justitie onvoldoende was en dat het geluid niet onnodig was, omdat het schakelen geluid veroorzaakte dat inherent is aan het voertuig. Het hof oordeelde dat de motivering voldoende was en dat het geluid het normale geaccepteerde niveau van voertuigen overschreed.
De verklaringen van de ambtenaren die de overtreding constateerden, werden als betrouwbaar beoordeeld. De betrokkene erkende dat er een doffe klap bij het schakelen was, maar dit werd niet als excuus voor het onnodig geluid beschouwd.
Het hof bevestigde het vonnis met verbetering van gronden en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de boete voor onnodig geluid veroorzaken wordt bevestigd.