ECLI:NL:GHARL:2022:6402
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Tussenarrest over voortzetting procedure na faillissement en oproepingsperikelen in hoger beroep
Deze zaak betreft een hoger beroepprocedure die na cassatie door de Hoge Raad is verwezen naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De geïntimeerde, de Belgische vennootschap Bricxchange CVBA, is inmiddels failliet verklaard en vertegenwoordigd door een curator. Het geschil concentreert zich op de procesrechtelijke vraag hoe de procedure na faillissement voortgezet kan worden, met name de oproeping van de curator en de toepassing van de artikelen 25 tot en met 31 van de Faillissementswet.
Appellant heeft de curator opgeroepen om het geding over te nemen, maar het hof constateert dat de oproeping onvolledig was en dat onjuiste informatie over griffierechten is verstrekt. Het hof wijst het verzoek tot schorsing toe en geeft appellant de gelegenheid om de curator opnieuw op te roepen met de juiste mededelingen. Tevens wordt vastgesteld dat de procedure na verwijzing alleen door appellant wordt voortgezet, waarbij de erfgenamen van een overleden partij geen procespartij meer zijn.
Verder gaat het hof in op de vorderingen van appellant, waaronder vernietiging van een akte op grond van bedrog of dwaling en een schadevergoeding, waarbij het hof aangeeft dat eventuele wijziging of vermeerdering van de eis in beginsel niet mogelijk is na cassatie. Het geding wordt geschorst indien vorderingen op de faillissementsboedel worden ingediend, totdat verificatie heeft plaatsgevonden.
Het hof houdt iedere verdere beslissing aan en bepaalt dat de curator op de rolzitting van 6 september 2022 kan verschijnen en een memorie na verwijzing kan nemen. Indien de curator niet verschijnt, kan appellant een aanhouding voor oproeping van Bricxchange vragen.
Uitkomst: Het hof stelt appellant in de gelegenheid de curator opnieuw op te roepen en houdt verdere beslissing aan.