Uitspraak
(hierna P.I.)[inrichting] , locatie [plaats 1] .
(hierna: de maatregel)wordt voortgezet.
11 oktober 2021;
P.I. [inrichting] van 22 december 2021.
mr. V. Smink.
Overwegingen:
Beslissing
[veroordeelde].
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De veroordeelde is in beroep gegaan tegen de beslissing van de rechtbank Amsterdam van 28 september 2021 tot voortzetting van de ISD-maatregel. Hij stelt dat de maatregel onvoldoende is ingevuld en dat hij onterecht lang een kale maatregel heeft uitgezeten zonder adequate behandeling, mede door fouten en onduidelijkheden bij de casemanager en leidinggevenden.
Het openbaar ministerie stelt dat de maatregel noodzakelijk blijft vanwege het nog hoge recidiverisico en het belang van de bescherming van de maatschappij. Er is een plan opgesteld voor behandeling en geleidelijke terugkeer, waarbij de locatie van een zorgorganisatie een belangrijke rol speelt.
Het hof oordeelt dat de rechtbank terecht heeft beslist tot voortzetting van de maatregel. Hoewel er een periode was waarin de maatregel onvoldoende werd ingevuld, is inmiddels een verbeterde situatie ontstaan met een spoedtrajectbepalingsoverleg en een plek op de wachtlijst bij de zorgorganisatie. De voortzetting is noodzakelijk om onveiligheid en overlast te voorkomen.
Het hof bepaalt tevens dat uiterlijk 1 juni 2022 een tussentijdse beoordeling door de rechtbank moet plaatsvinden om de noodzaak van de voortzetting te evalueren. De beslissing van de rechtbank wordt bevestigd met aanvullende gronden.
Uitkomst: Het hof bevestigt de voortzetting van de ISD-maatregel en bepaalt een tussentijdse beoordeling uiterlijk 1 juni 2022.