De werknemer was sinds 2018 in dienst bij Noorderbreedte en volgde opleidingen tot verpleegkundige. Vanaf 2020 ontstonden conflicten over haar functioneren en communicatie, die leidden tot herplaatsingen en meerdere klachten van collega's en leidinggevenden. Ondanks herhaalde gesprekken en begeleiding ontkende de werknemer telkens de kritiek en toonde zij geen bereidheid tot zelfreflectie, wat leidde tot een ernstig en duurzaam verstoorde arbeidsrelatie.
De kantonrechter heeft de arbeidsovereenkomst op de g-grond ontbonden wegens onwerkbare samenwerking en het ontbreken van perspectief op verbetering of herplaatsing. De werknemer stelde zich in hoger beroep op het standpunt dat de ontwrichting niet ernstig was en dat herplaatsing mogelijk was, en vorderde herstel van de arbeidsovereenkomst of subsidiair een billijke vergoeding.
Het hof oordeelde dat de kantonrechter terecht heeft geoordeeld dat de arbeidsverhouding ernstig en duurzaam is ontwricht, dat herplaatsing niet mogelijk is vanwege het ontbreken van vertrouwen in gedragsverandering, en dat de werknemer onvoldoende heeft aangetoond dat de verwijten onterecht zijn. Van ernstig verwijtbaar handelen door de werkgever is geen sprake, zodat geen billijke vergoeding wordt toegekend. Het hoger beroep wordt verworpen en de werknemer wordt veroordeeld in de kosten.