Uitspraak
ISD P22/145
Beslissing d.d. 3 november 2022
[veroordeelde] ,
Overwegingen
Beslissing
[veroordeelde].
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De zaak betreft het beroep van een veroordeelde tegen de beslissing van de rechtbank Noord-Holland tot voortzetting van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders (ISD). Het hof heeft het beroep inhoudelijk behandeld en aanvullende informatie ingewonnen bij de Forensisch Psychiatrische Afdeling (FPA) en Justitieel Complex (JC).
Uit de stukken en zittingen blijkt dat het recidiverisico van de veroordeelde nog steeds hoog is en dat opheffing van de maatregel naar verwachting zal leiden tot onveiligheid, ernstige overlast en verloedering van het publieke domein. De veroordeelde vertoont geen ziektebeeld dat detentieongeschikt maakt en heeft zich niet behandelbaar opgesteld, ondanks het aanbod van diverse therapieën zoals schematherapie en psychomotorische therapie.
De verdediging stelde dat voortzetting niet zinvol is door omstandigheden buiten de macht van de veroordeelde, waaronder de sombere toestand en het niet slagen van klinische behandeling. Het openbaar ministerie betoogde dat de maatregel noodzakelijk blijft ter bescherming van de samenleving vanwege het actieve recidiverisico en het ontbreken van motivatie voor behandeling.
Het hof concludeert dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld en bevestigt de beslissing tot voortzetting van de maatregel. De maatregel is noodzakelijk om de samenleving te beschermen en voortzetting is niet zinloos door omstandigheden buiten de macht van de veroordeelde.
Uitkomst: Het hof bevestigt de voortzetting van de maatregel plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders wegens hoog recidiverisico en onvoldoende behandelbereidheid.