ECLI:NL:GHARL:2023:10168
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boetebeslissing wegens onvoldoende bewijs en overschrijding redelijke termijn
De betrokkene kreeg een boete van €282 voor het rijden met 27 km/h te hard binnen de bebouwde kom op de Westerdreef in Lelystad. Hij betwistte de aanwezigheid van het bord H1 dat de bebouwde kom aangeeft, en stelde dat dit niet op zijn route aanwezig was. De kantonrechter hield hier geen rekening mee en wees het beroep af.
In hoger beroep stelde het hof vast dat de ambtenaar de aanwezigheid van het bord niet zelf had gecontroleerd, maar dat op basis van Cyclomediabeelden en een verklaring van de gemeente Lelystad kon worden vastgesteld dat het bord H1 op de route aanwezig was rond de datum van de overtreding. Hierdoor kon de overtreding worden vastgesteld.
Het hof constateerde echter dat de redelijke termijn voor berechting was overschreden, waardoor de sanctie met 25% werd gematigd tot €211,50. Tevens stelde het hof vast dat de officier van justitie te laat had beslist op het administratief beroep, waardoor een dwangsom van €322,- werd toegekend. De proceskosten van €1.255,50 werden eveneens aan de betrokkene toegekend.
De beslissing van de kantonrechter werd vernietigd, het beroep tegen de officier van justitie gegrond verklaard en de sanctie aangepast. Het hof bepaalde ook dat teveel gestelde zekerheid wordt gerestitueerd.
Uitkomst: De boete wordt gematigd tot €211,50, de beslissing van de kantonrechter wordt vernietigd en een dwangsom van €322,- wordt toegekend wegens overschrijding beslistermijn.