In deze zaak draait het om de vraag of Holland Media Movies als rechtsopvolger van Dutch Media Pictures B.V. (DMP) aanspraak kan maken op een deel van de exploitatieopbrengsten van de film New Kids Turbo, na een juridische splitsing van DMP. Inspire Pictures, die samen met DMP investeerde in de film en de distributie verzorgde, betwist dat de rechten uit de onderlinge overeenkomst zijn overgegaan op Holland Media Movies.
De rechtbank had de vorderingen van Holland Media Movies afgewezen omdat niet was komen vast te staan dat de rechten uit de overeenkomst op Holland Media Movies waren overgegaan. Holland Media Movies ging in hoger beroep met het verzoek dit oordeel te vernietigen en alsnog betaling te verkrijgen.
Het hof oordeelt dat de beschrijving van de splitsingsakte onvoldoende duidelijk is om vast te stellen welke vermogensbestanddelen, waaronder de filmrechten, op Holland Media Movies zijn overgegaan. Ook het beroep op artikel 2:334s BW, dat gezamenlijke gerechtigdheid van verkrijgende vennootschappen regelt bij onduidelijkheid, kan Holland Media Movies niet baten omdat zij niet heeft gesteld namens de gemeenschap op te treden.
Daarom bekrachtigt het hof het vonnis van de rechtbank en veroordeelt Holland Media Movies tot betaling van de proceskosten in hoger beroep. De vorderingen worden afgewezen en de proceskostenveroordeling blijft in stand.