Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoeker in hoger beroep,
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- de vader met zijn advocaat;
- de moeder met haar advocaat;
- een vertegenwoordiger van de GI, en
- een vertegenwoordiger van de raad voor de kinderbescherming (verder: de raad).
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
- primairde hoofdverblijfplaats van [de minderjarige] bij hem te bepalen en dan als de zorgregeling tussen [de minderjarige] en de moeder vast te stellen dat [de minderjarige] eenmaal per twee weken een weekend en de helft van de vakanties en feestdagen bij de moeder verblijft;
- subsidiaireen onderzoek door de raad te gelasten naar de hoofdverblijfplaats van [de minderjarige] .