Uitspraak
1.[geïntimeerde1]
[geïntimeerde2]
1.Het verdere verloop van de procedure in hoger beroep
2.De kern van de zaak
3.Het oordeel van het hof
”
€ 15.859.23
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze zaak staat de afwikkeling van de nalatenschappen van de ouders van drie erfgenamen centraal, waarbij de verdeling van goederen, legitieme porties en het gebruik van een woning in Frankrijk centraal staan.
De rechtbank had [appellante] veroordeeld tot het overleggen van boedelbeschrijvingen, inzage in administratie en betaling van dwangsommen bij niet-naleving. Het hof bekrachtigt deze verplichtingen, oordeelt dat de problemen met het verkrijgen van stukken voor rekening van [appellante] komen en wijst haar bezwaren af.
Het hof vernietigt echter beslissingen over het achterstallig onderhoud van de woning in Frankrijk en over de verplichting tot het verstrekken van informatie over bepaalde polissen en inboedelgoederen, omdat onvoldoende bewijs is geleverd. Ook wordt geoordeeld dat de dwangsom van € 25.000 is verjaard en niet meer kan worden gevorderd.
Verder bevestigt het hof dat [appellante] een gebruiksvergoeding verschuldigd is aan haar broer en zus vanwege het exclusieve gebruik van de woning door het vervangen van sloten. De primaire vordering van [appellante] om de rechtbank niet bevoegd te verklaren wordt afgewezen.
Het hof bepaalt dat elke partij zijn eigen proceskosten draagt en wijst de overige vorderingen af. Het hoger beroep slaagt deels, met vernietiging van enkele beslissingen en afwijzing van de daaraan verbonden vorderingen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank grotendeels, vernietigt enkele beslissingen en wijst de daarmee verband houdende vorderingen af; partijen dragen elk hun eigen kosten.