Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[eiser2],
[eiser3],
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze herroepingszaak vordert P.C.D. Products B.V. en mede-eisers (PCD c.s.) de herroeping van een eerder arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. PCD c.s. verzoekt tevens om verwijzing van de zaak naar een ander gerechtshof, onder meer vanwege een klacht bij de Procureur-Generaal van de Hoge Raad over de eerdere behandeling door dit hof.
Het hof overweegt dat op grond van artikel 384 lid 1 Rv Pro de herroeping moet worden behandeld door het gerecht dat in laatste feitelijke instantie heeft geoordeeld, in dit geval het eigen hof. Hoewel PCD c.s. niet expliciet een beroep doet op artikel 62b Wet RO, behandelt het hof het verzoek tot verwijzing als zodanig. Dit artikel maakt verwijzing mogelijk bij betrokkenheid van het gerecht bij de zaak.
De gronden van PCD c.s. voor verwijzing zijn dat het hof hen onvoldoende gelegenheid zou hebben gegeven hun verhaal te doen en dat zij een klacht hebben ingediend bij de Procureur-Generaal. Het hof oordeelt dat dit geen aanleiding geeft voor verwijzing, omdat er geen sprake is van betrokkenheid van het hof bij de zaak.
Het hof wijst het verzoek tot verwijzing af, verwijst de zaak naar de rol voor de conclusie van antwoord door de bank en houdt verdere beslissingen aan.
Uitkomst: Het verzoek tot verwijzing van de herroepingszaak naar een ander gerechtshof wordt afgewezen.