Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[appellante1] v.o.f.,
[appellant2],
[appellante3],
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze civiele zaak vordert Security Monitoring Centre B.V. (SMC), als rechtsopvolger van Chubb, betaling van achterstallige jaarlijkse kosten voor het aangesloten alarmsysteem in het restaurant van appellanten. De kantonrechter wees de vordering toe, waarna appellanten hoger beroep instelden met drie bezwaren.
Appellanten betoogden dat de overeenkomst na een verbouwing in 2018 was geëindigd en dat zij gerechtvaardigd mochten vertrouwen op het einde van de overeenkomst. Het hof oordeelde dat het verwijderen van de alarminstallatie niet automatisch het einde van de overeenkomst betekende en dat SMC voldoende aannemelijk had gemaakt dat de overeenkomst voortduurde, mede omdat meldingen uit het systeem werden ontvangen en appellanten de factuur over 2019 hadden voldaan.
Verder stelde appellanten dat SMC tekortgeschoten was door niet te melden dat er geen verbinding meer was met het alarmsysteem, en dat het onredelijk was dat SMC vergoeding vroeg voor niet verrichte werkzaamheden. Dit verweer faalde omdat niet vaststond dat het alarmsysteem volledig was verwijderd of dat er geen meldingen werden ontvangen.
Het hof verwierp ook het bewijsaanbod van appellanten wegens gebrek aan concrete feiten en bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter. Appellanten werden veroordeeld tot betaling van de proceskosten in hoger beroep, inclusief griffierecht en advocaatkosten, met wettelijke rente bij niet-tijdige betaling.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep af en bevestigt de veroordeling van appellanten tot betaling van de achterstallige alarmkosten en proceskosten.