De betrokkene werd bij beschikking gesanctioneerd met een boete van €250 wegens het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden op de Rijksweg A27 in Vianen op 18 juni 2021. De betrokkene stelde dat hij een pasjeshouder vasthield, niet een telefoon. De ambtenaar die de overtreding constateerde, gaf een gedetailleerde verklaring waarin hij beschreef dat hij de betrokkene met beide handen een smartphone zag bedienen.
De betrokkene en zijn gemachtigde voerden aan dat er twijfel bestond over de juistheid van de verklaring van de ambtenaar, onder meer omdat de telefoon niet direct werd getoond bij staandehouding en omdat de pasjeshouder mat zwart en kleiner was dan de telefoon. Het hof oordeelde echter dat de ambtenaar deze stelling voldoende had weerlegd met zijn gedetailleerde waarnemingen en de foto van de pasjeshouder.
Het hof concludeerde dat de gedraging van het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden voldoende was vastgesteld en bevestigde de beslissing van de kantonrechter. Het verzoek om proceskostenvergoeding werd afgewezen.