Uitspraak
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
2.De kern van de zaak
3.De feiten
een tegemoetkoming voor de maanden maart, april en mei 2020 toegekend van € 58.042. Daarbij is bepaald dat € 46.434 als voorschot door het UWV zal worden betaald in drie maandelijkse termijnen van € 15.478.
4.Het geschil
a. Rabobank zich niet op de op de rekening van [naam1] B.V. bijgeschreven coronasteun heeft verhaald;
b. er een stil pandrecht rustte op de door de overheid aan [naam1] B.V. betaalde coronasteun, zodat de uitzondering van het arrest Mulder q.q./CLBN zich voordoet;
Rabobank niet te goeder trouw was op het moment van de “schuldoverneming”.