ECLI:NL:GHARL:2024:3214

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
7 mei 2024
Publicatiedatum
8 mei 2024
Zaaknummer
21-002092-23
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Tussenuitspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 422 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Tussenarrest heropening onderzoek en getuigenverhoor in hoger beroep strafzaak

In deze strafzaak heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 7 mei 2024 een tussenarrest gewezen in het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Overijssel. Na de inhoudelijke behandeling op 6 februari 2024 en ontvangst van nieuwe stukken, heeft het hof op verzoek van de verdediging het onderzoek heropend. Dit gebeurde omdat de nieuwe stukken mogelijk een ander licht werpen op de tenlastelegging.

Tijdens de regiezitting van 23 april 2024 heeft de verdediging verzocht een getuige te horen, een verzoek dat het hof op grond van het noodzaakscriterium heeft toegewezen. Tevens is besloten dat de raadsheer-commissaris belast wordt met het verhoren van deze getuige en het beoordelen of het noodzakelijk is om het slachtoffer opnieuw te horen.

Daarnaast heeft het hof ambtshalve de advocaat-generaal opgedragen te zorgen voor een rapportage van de Reclassering over de mogelijkheden tot schorsing van de voorlopige hechtenis van verdachte. Het onderzoek wordt geschorst voor maximaal drie maanden wegens zittingsrooster en zal op een nader te bepalen datum worden hervat, waarbij verdachte en betrokkenen tijdig worden opgeroepen met een tolk Arabisch.

Uitkomst: Het hof heropent het onderzoek, wijst onderzoeksverzoeken toe, en schorst het onderzoek tot een nader te bepalen datum.

Uitspraak

Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-002092-23
Uitspraak d.d.: 7 mei 2024
TEGENSPRAAK
Tussenarrestvan de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Overijssel, zittingsplaats Zwolle, van 20 april 2023 met parketnummer 08-246997-22 in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] ( Syrië ) op [geboortedag] 2004,
thans verblijvende in P.I. [locatie] .

Het hoger beroep

De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de regiezitting van het hof van 23 april 2024 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van Pro het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Ter terechtzitting van 6 februari 2024 is de zaak tegen verdachte inhoudelijk behandeld.
Na sluiting van het onderzoek heeft het hof op 17 februari 2024 nieuwe stukken ontvangen van mr. F. Tosun en heeft de raadsvrouw het hof verzocht de zaak te heropenen. Voorts heeft zij een onderzoekswens ingediend.
Het hof heeft op 20 februari 2024 bij tussenarrest het onderzoek heropend, omdat de stukken die na sluiting van het onderzoek zijn ontvangen mogelijk een ander licht werpen op hetgeen verdachte wordt verweten.
Op de regiezitting van 23 april 2024 heeft het hof kennisgenomen van hetgeen namens verdachte door zijn raadsman mr. F.T. Sakrak (waarnemend voor mr. F. Tosun) naar voren is gebracht. Het hof heeft ook kennisgenomen van wat er door de advocaat-generaal op deze zitting naar voren is gebracht.

Getuigenverzoek

Op de terechtzitting van 23 april 2024 heeft mr. Sakrak – conform de eerder schriftelijk ingediende onderzoekswens – het hof verzocht te beslissen om [persoon] als getuige te (doen) horen.
De advocaat-generaal heeft geen bezwaar tegen voornoemd verzoek.
Oordeel van het hof
Het hof stelt voorop dat het verzoek aan de hand van het noodzaakscriterium dient te worden beoordeeld. Het hof wijst het verzoek toe, nu de noodzaak tot het horen van voornoemde getuige voldoende is gebleken.

Verzoek (half)open verwijzing kabinet RHC

Mr. Sakrak heeft verzocht om een (half)open verwijzing naar het kabinet van de raadsheer-commissaris in dit hof teneinde het nader horen van aangeefster indien het getuigenverhoor van [persoon] hiertoe aanleiding geeft.
De advocaat-generaal heeft zich ter terechtzitting verzet tegen een (half)open verwijzing naar het kabinet van de raadsheer-commissaris.
Oordeel van het hof
Naar het oordeel van het hof kan de verdediging zich wenden tot het kabinet van de raadsheer-commissaris met het verzoek om aangeefster te horen indien het getuigenverhoor van [persoon] hiertoe aanleiding geeft.

Ambtshalve beslissing

Het hof acht het noodzakelijk dat de Reclassering rapporteert over verdachte omtrent de mogelijkheden voor een (eventuele) schorsing van de voorlopige hechtenis. Het hof geeft derhalve de advocaat-generaal ambtshalve de opdracht hiervoor zorg te dragen.

BESLISSING

Het hof:
Heropent het onderzoek.
Wijst toe de door de verdediging gedane verzoeken zoals hiervoor omschreven.
Stelt de stukken in handen van de raadsheer-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in dit hof teneinde als getuige te horen:
- [persoon] .
Geeft aan de raadsheer-commissaris de opdracht om na genoemd verhoor te beslissen of het noodzakelijk is om aangeefster [slachtoffer] opnieuw te horen.
Draagt de advocaat-generaal op er voor zorg te dragen dat de Reclassering rapporteert over de mogelijkheden voor een (eventuele) schorsing van de voorlopige hechtenis van verdachte.
Schorst het onderzoek langer dan een maand, maar niet langer dan drie maanden, om de klemmende reden dat het zittingsrooster van het hof een eerdere behandeling niet toelaat.
Bepaalt dat het onderzoek zal worden hervat tegen een nog nader te bepalen terechtzitting.
Beveelt de oproeping van de verdachte en een tolk in de Arabische (Syrisch-Libanees) taal tegen het nog nader te bepalen tijdstip waarop het onderzoek ter terechtzitting zal worden hervat, met tijdige kennisgeving daarvan aan de raadsvrouw van verdachte, de benadeelde partij/het slachtoffer en haar advocaat.
Aldus gewezen door
mr. H.M.E. Tebbenhoff Rijnenberg, voorzitter,
mr. D. Visser en mr. J.H. van Dijk, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. H.E. Schoenmakers, griffier,
en op 7 mei 2024 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Mr. J.H. van Dijk is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.