ECLI:NL:GHARL:2024:4145
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep tegen beslissing officier van justitie Wahv wegens termijnoverschrijding
De betrokkene stelde beroep in tegen een beslissing van de officier van justitie op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De kantonrechter verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk omdat het niet tijdig was ingesteld. De betrokkene betwistte de ontvangst van de motiveringsbrief van de officier van justitie, maar het hof achtte aannemelijk dat deze brief op 2 december 2022 aan de gemachtigde was verzonden.
De termijn voor het instellen van beroep begint te lopen op de dag na de bekendmaking van de beslissing, die het hof vaststelde op 9 december 2022. Het beroep werd pas op 23 mei 2023 ingediend, ruim na het verstrijken van de termijn die eindigde op 20 januari 2023.
De stelling van de betrokkene dat er sprake is van een structureel probleem bij het parket CVOM en dat de motiveringsbrief niet is ontvangen, werd onvoldoende onderbouwd geacht. Het hof oordeelde dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar is en bevestigde daarom de beslissing van de kantonrechter. Tevens wees het hof het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie is niet-ontvankelijk verklaard wegens het te laat instellen van het beroep.