Uitspraak
[naam1],
[naam2]en
[naam3],
[appellant],
1.Krale Houtbewerking & Timmerwerk vof,
[naam4],
Krale c.s.,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze civiele zaak heeft het hof Arnhem-Leeuwarden het vonnis van de rechtbank Overijssel van 3 september 2024 vernietigd, waarin het verzoek tot faillietverklaring van appellant was toegewezen. Appellant stelde in hoger beroep dat niet langer aan de faillissementsvereisten werd voldaan en dat voldoende zekerheid was gesteld voor de crediteuren en faillissementskosten.
Het hof heeft op basis van het beroepschrift, aanvullende brieven en stukken vastgesteld dat de vorderingen van de bekende crediteuren, inclusief de Belastingdienst, en de faillissementskosten voldoende zijn gedekt door stortingen op een derdengeldrekening met een onherroepelijke volmacht aan de advocaat van appellant. Zowel de curator als de crediteuren hebben ingestemd met de vernietiging van het faillissement.
Gelet op deze omstandigheden concludeert het hof dat niet langer aan de vereisten van artikel 6 lid 3 van Pro de Faillissementswet wordt voldaan en wijst het het verzoek tot faillietverklaring af. De faillissementskosten worden vastgesteld en ten laste van appellant gebracht. Het vonnis is in openbare terechtzitting uitgesproken op 15 oktober 2024.
Uitkomst: Het hof vernietigt het faillissementsvonnis en wijst het verzoek tot faillietverklaring af wegens voldoende zekerheid voor crediteuren en faillissementskosten.