Uitspraak
1.Het verdere verloop van de procedure in hoger beroep
2.De kern van de zaak
3.De feiten
“(…)
- [nummer5] bij de ING Bank
- [nummer6] bij de ABN AMRO Bank
4.Het oordeel van het hof
- het vonnis van de rechtbank te vernietigen en de vorderingen van de curator af te wijzen,
- de curator te veroordelen het bedrag terug te betalen dat [appellant] op grond van het vonnis heeft betaald, te vermeerderen met de wettelijke rente,
- de curator te veroordelen in de kosten van beide instanties, te vermeerderen met de nakosten en wettelijke rente, dan wel de proceskosten te compenseren.
- het vonnis van de rechtbank te vernietigen voor zover de vorderingen van de curator zijn afgewezen,
- [appellant] alsnog te veroordelen aan de boedel een bedrag te betalen van € 559.528,17 te vermeerderen met de wettelijke rente,
- [appellant] zowel in het principaal als in het incidenteel hoger beroep te veroordelen in de kosten van beide instanties te vermeerderen met de nakosten en proceskosten.
€ 571.295,75 (terug) betalen aan de boedel van [naam2] , aldus de curator.