Uitspraak
[de minderjarige]( [de minderjarige] )
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze zaak heeft de raad voor de kinderbescherming een verzoek ingediend om bepaalde informatie uit het dossier geheim te houden voor de vader en stiefvader van de minderjarige. Het verzoek betreft het niet delen van het niet aangepaste verweerschrift en een raadsrapportage van 28 februari 2025.
Het hof overweegt dat het uitgangspunt in procedures is dat alle belanghebbenden dezelfde stukken kunnen inzien, conform artikel 6 EVRM Pro. Echter kan hiervan worden afgeweken op grond van artikel 811 lid 2 Rv Pro, indien het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer zwaarder weegt. De raad beroept zich tevens op artikel 3 van Pro het Internationaal Verdrag inzake de rechten van het kind.
Het hof oordeelt dat het belang van de persoonlijke levenssfeer en veiligheid van de minderjarige en haar moeder zwaarder weegt dan het inzagerecht van vader en stiefvader. De vader is al jaren niet betrokken bij de minderjarige en er loopt een strafrechtelijk onderzoek tegen hem. De stiefvader wordt verdacht van poging tot doodslag op de vader. Daarom wordt besloten dat vader en stiefvader alleen het aangepaste verweerschrift ontvangen en geen inzage krijgen in het volledige raadsrapport.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en is op 18 september 2025 door het hof Arnhem-Leeuwarden uitgesproken.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek toe om bepaalde dossierinformatie niet te delen met vader en stiefvader ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer en veiligheid van de minderjarige.