Uitspraak
Standpunt van de advocaat-generaal
Standpunt van de verdediging
Oordeel van het Hof
Je moet
hij op
of omstreeks20 augustus 2024 te [plaats]
, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,[benadeelde 1] en
/of[benadeelde 2] en
/of[benadeelde 3] en
/of[benadeelde 4] en
/of[benadeelde 5] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht
en/of zware mishandelingdoor
(daarna)op de openbare weg een vuurwapen te trekken en
/of - (vervolgens
)met een vuurwapen op de woning van die [benadeelde 1] en
/of[benadeelde 2] en
/of[benadeelde 3] en
/of[benadeelde 4] en
/of[benadeelde 5] te schieten, terwijl [benadeelde 2] en
/of[benadeelde 3] en
/of[benadeelde 4] en
/of[benadeelde 5] in de woning aanwezig
was/waren en
/of
, althans telkens handelingen van gelijke dreigende aard en/of strekking;
hij op
of omstreeks1 september 2024 te [plaats] , een wapen van categorie III, onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten een
(getransformeerd
) (gas/alarm
)pistool, van het merk Bolt TR 14, kaliber 9mm PAK, zijnde een vuurwapen in de vorm van een
geweer, revolver en/ofpistool voorhanden heeft gehad;
- [benadeelde 2] vorderde € 6.830,- aan materiële schade, bestaande uit vervanging van een deur, vervanging van een draagmuur, herstel van de trap, vervanging van de vitrage, herstel van het rolluik en vervanging van de kast, en daarnaast € 5.000,- aan immateriële schade;
- [benadeelde 1] vorderde € 6.000,- aan immateriële schade;
- [benadeelde 5] , [benadeelde 4] en [benadeelde 3] vorderden elk € 4.000,- aan immateriële schade.
- aan [benadeelde 2] € 830,- aan materiële schadevergoeding en € 2.500,- aan immateriële schadevergoeding, voor het overige is de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering;
- aan [benadeelde 5] , [benadeelde 4] en [benadeelde 3] elk € 1.000,- aan immateriële schade, voor het overige zijn deze benadeelde partijen niet-ontvankelijk verklaard in hun vordering.
Het oordeel van het hof
BESLISSING
365 (driehonderdvijfenzestig) dagen.
319 (driehonderdnegentien) dagen,niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij:
- de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
- de verdachte gedurende de proeftijd van 2 (twee) jaren ten behoeve van het vaststellen van zijn/haar identiteit geen medewerking heeft verleend aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of geen identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage heeft aangeboden of
- geen medewerking heeft verleend aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 77aa, eerste tot en met het vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclasseringsinstelling zo vaak en zolang als de reclasseringsinstelling dat noodzakelijk acht daaronder begrepen,
- verdachte zich uiterlijk op binnen drie dagen na dit vonnis zal melden bij Jeugd Veilig en Verder, onderdeel van Jeugdbescherming, en zich gedurende de proeftijd zal blijven melden bij deze instelling, zo frequent en zolang de instelling dat noodzakelijk acht;
- verdachte zal gedurende de proeftijd meewerken aan diagnostiek/ persoonlijkheidsonderzoek en zal zich, indien de jeugdreclassering dit noodzakelijk
- verdachte gedurende de proeftijd zal verblijven in een instelling voor begeleid wonen of maatschappelijke opvang, te weten [naam woongroep] of een soortgelijke instelling, en zich zal houden aan de huisregels en het (dag-)programma dat deze instelling in overleg met de jeugdreclassering heeft opgesteld;
- verdachte is gedurende de proeftijd open over zijn middelengebruik en is verplicht mee te werken aan bloedonderzoek of urineonderzoek of ademonderzoek om dit middelengebruik te controleren, zolang en zo vaak de jeugdreclassering dit noodzakelijk acht. Jeugdreclassering bepaalt met welke controlemiddelen dit wordt
€ 4.330,00 (vierduizend driehonderddertig euro) bestaande uit € 830,00 (achthonderddertig euro) materiële schade en € 3.500,00 (drieduizend vijfhonderd euro) immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
53 dagen.