Uitspraak
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep
- de memorie van grieven
- de memorie van antwoord.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Meneer Kozijn B.V. is failliet verklaard tijdens een lopende civiele procedure in hoger beroep over een geschil met [geïntimeerde] over de uitvoering van een overeenkomst tot plaatsing van raamkozijnen en deuren. [Geïntimeerde] vorderde in conventie terugbetaling en schadevergoeding wegens tekortkoming, terwijl Meneer Kozijn in reconventie betaling van de resterende aanneemsom en teruglevering van geleverde kozijnen eiste.
Na faillissement heeft de curator aangegeven de procedure niet te zullen overnemen. [Geïntimeerde] verzocht daarop om ontslag van instantie in conventie en reconventie. Het hof oordeelt dat de vorderingen in conventie onder artikel 28 Faillissementswet Pro vallen, waarvoor ontslag van instantie niet mogelijk is, en dat de vorderingen in reconventie onder artikel 27 Fw Pro vallen, maar dat de verwevenheid van de vorderingen ontslag in reconventie verhindert.
Het hof wijst de vordering tot ontslag van instantie af en bepaalt dat de procedure in conventie en reconventie wordt voortgezet. De zaak wordt verwezen naar een nieuwe roldatum voor beraad partijen over het vervolg van de procedure. Alle verdere beslissingen worden aangehouden.
Uitkomst: De vordering tot ontslag van instantie wordt afgewezen en de procedure wordt voortgezet.