ECLI:NL:GHARL:2026:1238

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
3 maart 2026
Publicatiedatum
3 maart 2026
Zaaknummer
21-000195-20
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 OpiumwetArt. 11 OpiumwetArt. 11b OpiumwetArt. 9 SrArt. 14a Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak diefstal stroom en veroordeling medeplegen grootschalige hennepteelt en deelname criminele organisatie

In hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden het vonnis vernietigd en opnieuw recht gedaan. Verdachte werd vrijgesproken van diefstal van stroom wegens onvoldoende bewijs, maar veroordeeld voor medeplegen van grootschalige hennepteelt en deelname aan een criminele organisatie gericht op hennepteelt.

De bewezenverklaring betreft het telen van circa 5304 hennepplanten in een professioneel ingerichte kwekerij in een pand te [plaats] en deelname aan een criminele organisatie met meerdere medeverdachten. Het hof baseert zich op diverse bewijsmiddelen, waaronder verklaringen, aangetroffen facturen, aantekeningen, stroomschema’s, telefoongegevens en getuigenverklaringen.

De rol van verdachte als verzorger van de hennepplanten wordt als medeplegen aangemerkt vanwege de essentiële bijdrage aan de kwekerij. De criminele organisatie wordt gekenmerkt als professioneel en duurzaam, met duidelijke rolverdeling en beveiliging. De straf wordt beperkt tot een taakstraf en voorwaardelijke gevangenisstraf vanwege overschrijding van de redelijke termijn en positieve persoonlijke omstandigheden van verdachte.

De benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard in haar schadevordering, die in hoger beroep niet is gehandhaafd. Het hof gelast tevens teruggave van inbeslaggenomen auto en telefoon aan verdachte.

Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van diefstal van stroom, veroordeeld tot taakstraf en voorwaardelijke gevangenisstraf voor medeplegen hennepteelt en deelname criminele organisatie.

Uitspraak

Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-000195-20
Uitspraakdatum: 3 maart 2026
TEGENSPRAAK
Arrestvan de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland, zittingsplaats Lelystad , van 31 december 2019 met parketnummer 16-659209-18 in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1986 in [geboorteplaats] ,
wonende te [adres] .

Hoger beroep

Verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland.

Onderzoek van de zaak

Het hof heeft bij de beslissing betrokken wat er op de zitting van het hof van 20 januari 2026 en 3 maart 2026 en wat er op de zitting bij de rechtbank besproken is.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot:
  • vernietiging van het vonnis van de rechtbank;
  • vrijspraak van verdachte van het onder 2 tenlastegelegde feit;
  • veroordeling van verdachte van de onder 1 primair en 3 tenlastegelegde feiten tot een taakstraf van 240 uren, subsidiair 120 dagen hechtenis, met aftrek van het voorarrest;
  • niet-ontvankelijk verklaring van de benadeelde partij [benadeelde] in de vordering tot schadevergoeding;
  • teruggave aan verdachte van de onder hem inbeslaggenomen auto en telefoon.
Deze vordering is na voorlezing aan het hof overhandigd.
Verder heeft het hof kennisgenomen van wat verdachte en zijn raadsman, mr. D.L.A.M. Pluijmakers, hebben aangevoerd.

Het vonnis

Bij het hierboven genoemde vonnis, waartegen het hoger beroep is gericht, heeft de rechtbank:
  • verdachte veroordeeld voor de onder 1 primair, 2 en 3 tenlastegelegde feiten tot een gevangenisstraf van 12 maanden, met aftrek van het voorarrest;
  • de benadeelde partij [benadeelde] niet-ontvankelijk verklaard in de vordering tot schadevergoeding;
  • de teruggave aan verdachte gelast van de onder hem inbeslaggenomen goederen, te weten een auto met het kenteken [kenteken] en een Samsung S8 telefoon;
  • het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis opgeheven.
Het hof komt in dit arrest tot een andere beslissing over het bewijs dan de rechtbank Midden-Nederland. Het hof vernietigt daarom het vonnis en doet opnieuw recht.

Tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:
1. primair
hij in of omstreeks de periode van 01 november 2017 tot en met 14 maart 2018 te [plaats] , tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad (in een pand aan [adres] ) een hoeveelheid van (in totaal) ongeveer 5304 hennepplanten, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;1. subsidiair
[medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of een of meer onbekend gebleven personen in of omstreeks de periode van 01 november 2017 tot en met 14 maart 2018 te [plaats] met elkaar, althans één van hen, opzettelijk heeft/hebben geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft/hebben gehad (in een pand aan [adres] ) een hoeveelheid van (in totaal) ongeveer 5304 hennepplanten, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval (telkens) een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II, tot en/of bij het plegen van welk(e) misdrijf/misdrijven verdachte in of omstreeks de periode van 01 januari 2018 tot en met 14 maart 2018 te [plaats] , in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal (telkens) opzettelijk gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen heeft verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest, door op één of meer tijdstippen een (grote) hoeveelheid hennepplanten water te geven en/of aarde in bakjes te doen en/of een (grote) hoeveelheid hennepstekjes/hennepplanten te planten en/of in bakjes te doen.
2.
hij in of omstreeks de periode van 01 november 2017 tot en met 14 maart 2018 te [plaats] , tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen 20.744 kWh elektriciteit, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan energiemaatschappij [benadeelde] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking.
3.
hij in of omstreeks de periode van 01 oktober 2017 tot en met 14 maart 2018 te [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] , althans in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, te weten [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] en/of een aantal onbekend gebleven personen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van een of meer misdrijven als bedoeld in artikel 10 derde Pro, vierde, vijfde lid, 10a eerste lid, 11 derde, vijfde lid en/of 11a Opiumwet.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Bewijsoverweging feit 1 primair hennepteelt [adres]

Standpunt van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft zich op het standpunt gesteld dat het onder 1 primair tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen kan worden. Het bewijs van betrokkenheid van verdachte volgt uit zijn eigen verklaring, de omstandigheid dat hij tijdens de ontmanteling aanwezig was bij de hennepkwekerij en in zijn auto, die op het terrein stond, jerrycans met groeimiddel zijn aangetroffen. Verder is de verklaring van [getuige 1] redengevend, inhoudende dat hij regelmatig iemand in een rode personenauto bij de hennepkwekerij heeft gezien. Dat komt overeen met de kleur van de auto van verdachte.
Standpunt van de verdediging
De raadsman heeft bepleit dat verdachte moet worden vrijgesproken van het onder 1 primair tenlastegelegde, omdat verdachte zijn rol niet kan worden beschouwd als medepleger. Het enige dat feitelijk kan worden vastgesteld is dat verdachte water heeft gegeven in de hennepkwekerij. Hoewel verdachte betrokken is geweest bij de kwekerij is de intellectuele of materiële bijdrage van onvoldoende gewicht om te kunnen spreken van medeplegen.
In de auto van verdachte zijn pakbonnen aangetroffen die dateren van maart en oktober 2015, hetgeen niets zegt over de ten laste gelegde periode. Voor wat betreft de geschreven lijst met goederen is niet vast te stellen wanneer deze lijst is opgesteld, ten behoeve van wat en door wie. Ook kan niet worden uitgesloten dat het briefje van iemand anders is, nu verdachte zijn auto af en toe uitleende. Voorts kan geenszins worden vastgesteld dat de naam ‘ [verdachte] ’ in een gesprek tussen medeverdachte [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] betrekking heeft op verdachte. Bovendien zijn geen zendmastgegevens bekend van een telefoon van verdachte.
Oordeel van het hof
Het hof stelt op basis van het strafdossier en onderzoek ter terechtzitting het navolgende vast.
Verdachte heeft op de zitting van het hof verklaard dat hij door anderen is gevraagd om planten water te geven in de hennepkwekerij aan de [adres] en dat hij daarvoor € 15.000,00 zou krijgen. Verdachte heeft verder verklaard dat hij water heeft gegeven en de aarde en plantjes in potten deed.
Daarnaast is verdachte in de hennepkwekerij aangetroffen, toen de politie de hennepkwekerij ontmantelde op 14 maart 2018. In de auto van verdachte, die op het terrein van het pand van de hennepkwekerij stond, zijn vier jerrycans met groeimiddelen aangetroffen. Verder zijn in de auto van verdachte facturen en afleverbonnen aangetroffen van goederen die waren bestemd voor de inrichting van een hennepkwekerij. Ook zijn in de auto papieren aangaande een inrichtingsschema van een hennepkwekerij en twee stroomschema’s gevonden. Getuige [getuige 1] , die werkte bij een bedrijf naast het pand aan de [adres] , verklaart dat hij eind 2017 regelmatig iemand uit een rode auto zag komen bij het pand waar later de hennepkwekerij is aangetroffen.
Het hof stelt op basis van het voorgaande vast dat verdachte strafrechtelijk betrokken is geweest bij de hennepkwekerij aan de [adres] . Voor wat betreft de vraag of zijn rol kan worden aangemerkt als die van medepleger of medeplichtige overweegt het hof het volgende.
Op de zitting van het hof heeft verdachte verklaard dat hij in januari 2018 een aantal keren is wezen kijken, dat hij in maart 2018 een aantal keren water heeft gegeven en in totaal maar vijf keer in de hennepkwekerij is geweest.
Het hof acht deze verklaring van verdachte onaannemelijk.
Een hennepkwekerij wordt over het algemeen maar voor één reden opgebouwd en dat is dat er veel geld mee te verdienen is. Het geld dat een hennepkwekerij daadwerkelijk oplevert, hangt in zeer grote mate af van de gezondheid, verzorging en de groei van de hennepplanten. In dit geval betrof het een zeer grootschalige, professioneel ingerichte kwekerij waar ruim 5300 hennepplanten in werden geteeld. Degene die verantwoordelijk is voor de verzorging van die hennepplanten heeft daarmee een essentiële rol. Mede ook vanwege het gevaar van ontdekking is het ondenkbaar dat de medeverdachten achter de kwekerij aan de [adres] belang hebben bij betrokkenheid van iemand die in 3 maanden tijd een paar keer in de kwekerij komt en pas in maart deze planten een aantal keer water geeft. Een dergelijk beperkte rol past ook niet bij de vergoeding van € 15.000,00 die verdachte zou krijgen. Dit deel van de verklaring van verdachte wordt bovendien weersproken door de gebezigde bewijsmiddelen.
Op basis van wat het hof hiervoor over de feiten en omstandigheden met betrekking tot de betrokkenheid van verdachte heeft vastgesteld, oordeelt het hof dat verdachte een dusdanig significante bijdrage heeft geleverd bij het in stand houden van de grootschalige hennepkwekerij, dat tussen hem en de medeverdachten sprake is van een nauwe en bewuste samenwerking. Zoals hiervoor al uiteengezet heeft degene die verantwoordelijk is voor de verzorging van de planten een essentiële en daarmee onmisbare rol. Dat geldt juist in dit geval waarin sprake is van een zeer professionele en grootschalige hennepkwekerij. Gezien de (potentieel) enorme economische waarde van het plantenbestand en de in verband met die kwekerij noodzakelijk gedane investeringen, draagt degene die die planten – die in wezen de kern van het bedrijf vormen – verzorgt een forse verantwoordelijkheid die verder gaat dan louter faciliterend betrokken zijn. De rol van verdachte moet daarmee gezien worden als die van een medepleger.
Het hof komt daarmee tot een bewezenverklaring van het onder 1 primair tenlastegelegde, het medeplegen van het telen van hennep op de locatie aan de [adres] . Daarbij gaat het hof uit van 1 december 2017 als startdatum, gelet op het aantreffen van de facturen en afleverbonnen van materiaal die waren bestemd voor hennepkwekerij.
Bewijsmiddelen feit 1 primair [1]
Algemene bewijsmiddelen hennepkwekerij [adres]
[verbalisant] heeft in haar proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Ik reed op 13 maart 2018 via de [adres] voor het pand van [nummer] langs. Ik zag dat er camera’s op vrijwel alle hoeken van het pand hingen. Ik richtte de camera op de linker achterzijde van het bedrijfspand. Ik zag een warmtebron die vrijwel de gehele zijde besloeg. Hierna liep ik naar de rechter zijkant van het pand. Ook hier zag ik een soortgelijke warmtebron. Hij besloeg vrijwel de gehele rechterzijde van het pand. [2]
[verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal aantreffen hennepkwekerij onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op het adres [adres] werd op 14 maart 2018 binnengetreden. [3] Het bleek dat op genoemd adres een hennepkwekerij met planten aanwezig was. De bedrijfsruimtes waren onderverdeeld in acht grote kweekruimtes, twee in aanmaak zijnde kweekruimtes, een hennepstek kweekruimte en een moederplant kweekruimte:
- kweekruimte 1: in totaal stonden er 280 hennepplanten;
- kweekruimte 2: in totaal stonden er 320 hennepplanten; [4]
- kweekruimte 3: in totaal stonden er 320 hennepplanten;
- kweekruimte 4: in totaal stonden er 320 hennepplanten; [5]
- kweekruimte 5: in totaal stonden er 417 hennepplanten;
- kweekruimte 6: in totaal stonden er 434 hennepplanten; [6]
- kweekruimte 7: in totaal stonden er 490 hennepplanten;
- kweekruimte 8: in totaal stonden er 441 hennepplanten. [7]
Ik stelde voor een representatieve bemonstering een aantal hennepplanten veilig. Deze monsters testten wij met gebruikmaking van de cannabistest. De test gaf een positieve reactie, indicatief voor hennep of THC. De stroomvoorziening ten behoeve van de hennepkwekerij werd illegaal afgenomen. [8]
[verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
In ruimte 9, kweekruimte A zijn 2012 hennepstekjes aangetroffen. In deze ruimte stonden twee bloemenkarren met de stekjes. [9]
Namens [benadeelde] heeft [naam] op 1 april 2018 aangifte gedaan van diefstal van stroom en heeft daarover het volgende opgesteld, zakelijk weergegeven:
De specialist zag dat rechtstreeks op de aansluitkabel/hoofdkabel een illegale elektriciteitsaansluiting was gemaakt. Hij zag dat deze aansluiting buiten de elektriciteitsmeter om liep naar de hennepplantage en deze voorzag van elektriciteit. Uit ervaring weet hij dat door een illegale aansluiting onder de zekeringhouders te maken, het mogelijk is meer vermogen af te nemen dan dat de contractueel overeengekomen en geïnstalleerde hoofdzekeringen zouden doorlaten. Hij weet dat daardoor schade en hinder werd veroorzaakt aan [benadeelde] , omdat de juiste tarievenregeling niet juist kon worden toegepast. Voorts heeft hij vastgesteld dat het gelijktijdige af te nemen vermogen van de getransporteerde elektriciteit niet meer in overeenstemming was met de installatie. Door manipulatie werd de afgenomen elektriciteit ten behoeve van de hennepplantage niet via de elektriciteitsmeter geregistreerd. De fraudespecialist en [verbalisant] hebben aan de hand van indicatoren vastgesteld dat sprake is geweest van meerdere teelten. Uit het door [benadeelde] ingestelde onderzoek is gebleken dat een hennepplantage was ingericht in het perceel in ieder geval in de periode van november 2017 tot 14 maart 2018. Dit betekent dat in deze periode vermoedelijk sprake is geweest van tenminste één eerdere teelt. De aangetroffen teelt was tenminste zes weken oud. Naar aanleiding van deze inventarisatie en het door [benadeelde] ingestelde onderzoek, is door mij een berekening gemaakt waaruit blijkt dat er minimaal 20.744 kWh illegaal is afgenomen (weggenomen) ten behoeve van de hennepplantage. Het totaalbedrag dat de contractant hierdoor aan [benadeelde] is verschuldigd, bedraagt € 4.116,06. [10]
Periode en verdachten hennepkwekerij [adres]
[getuige 2] heeft als getuige op 23 maart 2018 bij de politie als volgt verklaard, zakelijk weergegeven:
Ik ben bedrijfsleider bij [bedrijf] , gevestigd aan de [adres] . Ons bedrijf zit recht tegenover het bedrijfspand waar jullie de hennepkwekerij hebben aangetroffen. Het is begonnen medio oktober/ november 2017. Rond die tijd kwam er een busje van een aannemersbedrijf uit [plaats] . De naam daarvan weet ik niet meer. Er zat reclame op dat busje en later ook op het raam van het bedrijfspand. Voor die tijd is het pand binnen en buiten schoongemaakt. Rond die tijd kwam er ook een vrachtwagen, een trekker oplegger. Ik weet niet meer van welk bedrijf. Deze ging het rechtse gedeelte van het pand binnen. De zeilen van de oplegger waren open en ik kon zien dat er met een heftruck houten platen, een soort underlayment, werden geladen. Vanaf december 2017 kwamen er meerdere busjes buiten die Transit om. Eigenlijk allemaal donkergekleurde busjes zonder reclame. In januari viel het mij op dat het pand volledig was geblindeerd. Je kon niet meer naar binnen kijken. [11] Dat Transit busje heb ik eigenlijk heel de periode vanaf oktober/ november 2017 tot aan de dag van het ontdekken van die hennepkwekerij daar regelmatig gezien. Deze stond er bijna altijd. [12]
[getuige 1] heeft als getuige op 29 maart 2018 bij de politie als volgt verklaard, zakelijk weergegeven:
Ik ben werkzaam bij [bedrijf] aan de [adres] . Dit bedrijf ligt, vanaf de voorzijde gezien, links naast het bedrijfspand waar een hennepkwekerij is aangetroffen. In november 2017 is het bedrijfspand blijkbaar weer verhuurd. Rond die tijd zag ik weer bedrijvigheid bij het bedrijfspand. Ik zag daar vanaf dat moment regelmatig twee busjes met daarop de bedrijfsnaam ‘ [bedrijfsnaam] ’. [13] Ik zag dat er vanaf die tijd meerdere mensen in dat pand werkten. Na een korte tijd zag ik dat de ramen van het bedrijfspand aan de binnenzijde werden beplakt met folie, waardoor het niet meer mogelijk was om via de ramen naar binnen te kijken. Er zijn rond die tijd ook rondom het bedrijfspand aan de buitenzijde camera’s aangebracht door een blanke man. Kort na de verhuur van het bedrijfspand kwamen er ook vrachtauto’s met platen. Deze platen werden gelost met twee rode vorkheftrucks. Later zag ik dat er ook regelmatig iemand in een rode personenauto kwam. Vaak reed die auto naar de achterzijde van het bedrijfspand en ging daar blijkbaar naar binnen. [14]
[verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op 18 januari 2018 werd [medeverdachte 2] aangetroffen in een Volkswagen Transporter met kenteken [kenteken] . [15] Op 23 januari 2018 heb ik onderzoek ingesteld naar het in beslag genomen voertuig. In het voertuig trof ik facturen in verschillende tassen aan [16] :
- [bedrijf] d.d. 18 december 2017, [adres] :
Verschillende artikelen waaronder koord en een daarvoor bestemde koordkikker. Ambtshalve is bekend dat de betreffende goederen gebruikt kunnen worden bij inrichtingen van hennepkwekerijen. Dit om de hoogte van de lampen t.o.v. hennepplanten te verkleinen of vergroten;
- [bedrijf] d.d. 15 december 2017, Vrachtbrief:
HWS materialen. Datum: 15 december 2017. Geleverd aan [bedrijf] , [adres] ( tel. [telefoonnummer] );
- [bedrijf] :
[merknaam] Co2 Controller en Burner. Ambtshalve is bekend dat dergelijke goederen gebruikt worden voor hennepkwekerijen om de groeitijd met twee weken in te korten tot een periode van 8 weken.
- Goedkope bouwmaterialen:
35 stuks vuren houten platen.
In het voertuig trof ik tevens verschillende stukken papier aan met daarop aantekeningen. Ik zag dat er bij deze aantekeningen een tekening was gemaakt van een vierkant met daarin verschillende ruimtes aangeduid met de letters en cijfers A1-A2 en B1-B2. Ik zag dat er tevens de volgende woorden bij werden vermeld: Ferro Wortel, Top viagra, Super Royal, PH +/- en Ferro Enzym. Uit onderzoek in open bronnen bleek dat het om plant versterkende middelen ging.
Ik zag dat er in het voertuig aantekeningen lagen met daarop verwijzingen naar de inrichting van een hennepkwekerij, waaronder de woorden: Fan (ventilator), Climat control, bord, kappen, lampen, travo, draad, vijver folie, koppelingen, vat en sproeiers.
Ik zag tevens een aantekening in het voertuig met daarop de Titel “Project 1”. Ik zag de volgende onderdelen: ‘project stek’, ‘belletering’, ‘stek hok’, ‘alarm’, ‘roldeur’, ‘camera’s’, ‘code systeem’, ‘kniphok’ [17] , ‘bali + computers’, ‘benodigdheden’, ‘huur komende drie maanden’, ‘35.000/40.000 euro per partij’, ‘partij 1 “wij”, partij 2 “hun”’, ‘opmerking: “ [naam] komt er nog bij, bord + aansluiting +/- 2000?’, ‘als we do of vrij datum krijgen we voor P3, ook zooi moeten bestellen en betalen’, ‘panden  +/- 25.000’, ‘hout + ijzer  +/- 6.000’ en ‘A.C.  +/- 40.000’. [18]
[verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op 23 januari 2018 werd de Volkswagen Transporter onderzocht en werden onder meer een grote hoeveelheid documenten aangetroffen, die er op wezen dat [medeverdachte 2] goederen had gekocht, die gebruikt konden worden voor het binnen kweken van hennepplanten onder kunstlicht. [19]
Er was sprake van meerdere geschreven lijstjes met benodigde kweekmaterialen voor het bouwen en inrichten van een hennepkwekerij. Het kweekmateriaal wat op deze lijstjes staat vermeld, komt overeen met het kweekmateriaal aangetroffen in de hennepkwekerij in het bedrijfspand aan de [adres] , zoals op het lijstje staat vermeld 368 kappen, lampen 600 Watt en trafo’s. Naast de in werking zijnde acht kweekruimten, waar in totaal 240 kappen, lampen en trafo’s waren opgehangen, werd in ruimte 1 nog 128 nieuwe lampen aangetroffen. 240 lampen 600 Watt gemonteerd + 128 lampen 600 Watt nieuw. Dit maakt 368, zoals vermeld op het lijstje. In ruimte 1 werd een grote hoeveelheid nog grotendeels verpakte goederen aangetroffen kennelijk ter uitbreiding van het aantal kweekruimten naast de inmiddels al in werking zijnde kweekruimten. Ook een groot aantal van de andere goederen reeds geïnstalleerd in de in werking zijnde kweekruimten en de goederen aangetroffen in ruimte stonden op het lijstje vermeld.
Een document met een tekening met een plattegrond van een kweekruimte met daarin de opstelling van de watergekoelde airconditioners en CO2, zoals gebruikt in de kweekruimten in de hennepkwekerijen in de bedrijfspanden op de [adres] . [20]
Verbalisanten [verbalisant] en [verbalisant] hebben in hun proces-verbaal van bevindingen onder meer gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op 23 januari 2018 werd onderzoek verricht in en aan de in beslag genomen Volkswagen Transporter met kenteken [kenteken] . Door meerdere politiemensen is vanaf 2 maart 2018 onderzoek verricht naar de papieren snippers. [21] Plattegrond [adres] : Bijlage 18 toont papieren snippers van een bouwtekening van een bedrijfspand aan de [adres] . [22]
[verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op 23 januari 2018 werd de Volkswagen Transporter onderzocht en werden onder andere diverse documenten aangetroffen. [23] Op een document staat een berekening van kosten voor “project 1” en “project stek”, in totaal € 80.000,-. Deze € 80.000,- wordt verdeeld over 2 partijen “wij” en “hun”. De kosten betreffen onder andere kosten voor een stekhok, stek en een kniphok. Verder staat vermeld bij Project 1 “+/- 12.000 % 2 S + M = 6.000” en Project stek “+/- 40.000 % 3 S + M + F = 13.500”. [24]
[verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd. Zakelijk weergegeven:
Op 23 januari 2018 werd de Volkswagen Transporter onderzocht en werden onder andere diverse documenten aangetroffen. [25] Bij onderzoek van genoemde documenten en de vanuit de papiersnippers leesbaar gemaakte documenten bleken een aantal van deze documenten, pakbonnen, vrachtbrieven, facturen betreffende de levering van materiaal kennelijk bestemd voor het bouwen van hennepkwekerijen en het kweken van hennepplanten in het bedrijfspand op de [adres] . [26] Op verschillende documenten stond als afleveradres vermeld [bedrijf] gevestigd [adres] . Als klantadres en factuuradres [bedrijf] gevestigd [adres] . Als contactpersoon [naam] .
Bij een nader onderzoek van deze documenten bleek het volgende:
- Onder code Z24-019 en nummer 8023310527 werden een pakbon en een vrachtbrief aangetroffen van [bedrijf] betreffende de levering van materiaal als CV buis, knelkoppelingen, beugels met als afleveradres [bedrijf] , [adres] , klantadres [adres] , contactpersoon [naam] , telefoonnummer [telefoonnummer] . De datum van de pakbon bleek 7 december 2017 en de datum van verzending van de goederen 8 december 2017. Dergelijk materiaal is gebruikt ten behoeve van het klimaatbeheersingssysteem in de kweekruimten van de hennepkwekerij.
- Onder code Z24-003 en nummer 8023325574 werden een pakbon en een vrachtbrief aangetroffen van [bedrijf] betreffende de nalevering van CV buis met als afleveradres [adres] , klantadres [adres] , contactpersoon [naam] , telefoonnummer [telefoonnummer] . De datum van de pakbon bleek 8 december 2017 en de datum van verzending van de goederen 12 december 2017. Dergelijk materiaal is gebruikt ten behoeve van het klimaatbeheersingssysteem in de kweekruimten van de hennepkwekerij.
- Onder code Z24-002 en nummer 80233421662 werden een pakbon en een vrachtbrief aangetroffen van [bedrijf] betreffende de nalevering van CV buis met als afleveradres [adres] , klantadres [adres] , contactpersoon [naam] , telefoonnummer [telefoonnummer] . De datum van de pakbon bleek 14 december 2017 en de datum van verzending van de goederen 15 december 2017. Dergelijk materiaal is gebruikt ten behoeve van het klimaatbeheersingssysteem in de kweekruimten van de hennepkwekerij.
- Onder ordernummer: VO29-0211696 werd een factuur aangetroffen van [bedrijf] betreffende de levering van een hoeveelheid materiaal en gereedschap, factuuradres [adres] , onder werkomschrijving [adres] en onder handtekening [medeverdachte 3] . De op deze factuur genoemde goederen zijn nodig voor het bouwen en inrichten van de kweekruimten van de hennepkwekerij. [27] - Onder nummer 12-697026, referentie 464981-029 werd een verzenddocument aangetroffen van [bedrijf] betreffende de levering van een hoeveelheid OSB. Onder omschrijving stond vermeld; “levering met kooiaap. Van tevoren bellen met contactpersoon [naam] [telefoonnummer] ”. OSB is houten constructieplaat. Dergelijke platen zijn gebruikt voor het bouwen van de kweekruimte in het bedrijfspand aan de [adres] .
- Voorts werd onder factuurnummer 1020158 een factuur aangetroffen van [bedrijf] betreffende de aanschaf van 4 C02 controllers van het merk [merknaam] en 4 C02 branders van het merk [merknaam] . Dergelijk materiaal wordt gebruikt bij het kweken van hennepplanten onder kunstlicht en werd ook aangetroffen in de hennepkwekerij op de [adres] . Als factuuradres staat op deze factuur vermeld; “ [bedrijf] gevestigd [adres] ”. Na informatie bij de Kamer van Koophandel blijkt op de [adres] te zijn gevestigd; “ [bedrijf] ” Enig aandeelhouder en bestuurder van [bedrijf] is [bedrijf] , gevestigd aan de [adres] . Enig aandeelhouder en bestuurder van [bedrijf] is [medeverdachte 3] , geboren op [geboortedatum] 1970 te [geboorteplaats] , wonende [adres] . [28]
Verbalisant [verbalisant] heeft in haar proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Ik heb een aanvang gemaakt om van een aantal verscheurde documenten de papiersnippers aan elkaar te puzzelen, die afkomstig zijn uit de Volkswagen Transporter met kenteken [kenteken] . Een van deze verscheurde documenten is op deze wijze weer samengevoegd tot leesbaar geheel. Dit document betreft een vrachtbrief van afzender [bedrijf] , geadresseerd aan [bedrijf] , [adres] , afleveradres [adres] . [29]
Verbalisant [verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Uit de historische verkeersgegevens van het telefoonnummer [telefoonnummer] in de periode van 16 juni 2017 tot en met 16 januari 2018, in gebruik (geweest) bij [medeverdachte 2] , blijkt dat genoemd telefoonnummer op 26 oktober 2017 en 3 november 2017 een mast heeft aangestraald op de [adres] te [plaats] . Deze locatie is in de directe omgeving (ongeveer 800 meter) van de [adres] te [plaats] . [30]
Verbalisant [verbalisant] heeft in haar proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op het terrein van het pand aan de [adres] zag ik op 13 maart 2018 een roodkleurige Opel staan met het kenteken [kenteken] . Deze personenwagen stond op naam van [verdachte] . [31]
Verbalisant [verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Ik heb onderzoek ingesteld in een onder verdachte [verdachte] in beslag genomen personenauto Opel Astra met kenteken [kenteken] . Bij het openen van de vijfde deur van deze auto zag en voelde ik dat dit gevulde (nieuwe) jerrycans waren met voedingsmiddel/groeimiddel van het merk Pro X. Dit waren dezelfde jerrycans als die werden aangetroffen bij de hennepkwekerij aan de [adres] . Een van de papieren betrof een inrichtingsschema voor het inrichten van een hennepkwekerij en twee stroomschema’s. [32]
De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van het hof op 20 januari 2026:
Ik ben door anderen gevraagd om de planten water
te gevenvoor de hennepkwekerij aan de [adres] . Ik zou daarvoor € 15.000,00 krijgen. Ik heb in de hennepkwekerij water gegeven en de aarde en plantjes in potten gedaan. [33]
[verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Uit onderzoek van de uitgeleverde telefoongegevens blijkt dat het bij de verdachte [medeverdachte 3] in gebruik zijnde telefoonnummer [telefoonnummer] in de periode 7 februari 2018 tot 5 maart 2018 op verschillende dagen en tijdstippen 44 keer een zendmast aan de [adres] heeft aangestraald en 43 keer een zendmast aan de [adres] . [34] De locaties van deze zendmasten zijn in de directe omgeving van het bedrijfspand aan de [adres] . [35]
Medeverdachte [medeverdachte 6] heeft op 8 oktober 2018 bij de politie onder meer als volgt verklaard, zakelijk weergegeven:
Ik heb ook nog op een andere locatie geknipt. Ik ging dan achter in die bus en in dat pand werd ik er weer uitgelaten. Eigenlijk op dezelfde manier als in [plaats] . Ik zat ongeveer een half uurtje in die bus, dus [plaats] zou goed kunnen. Ik ben daar rond januari van dit jaar geweest. [36] Ik zag daar ook dezelfde vrouwen die ook in [plaats] hadden geknipt.
V: Ik laat je een aantal foto’s zien van de hennepkwekerij in [plaats] . Kun je hierop reageren?
A: Ik herken daar in een ruimte die houten trap naar boven. Ik moest via die trap naar boven en heb daar in een ruimte geknipt, daar waar die tafel stond. Ik zie op die foto’s met die schoenen ook mijn schoenen er tussen staan. [37]

Vrijspraak feit 2 diefstal van stroom

De betrokkenheid van verdachte bij de teelt van hennep in [plaats] brengt op zichzelf nog niet mee dat hij zich ook schuldig maakt aan het opzettelijk wegnemen van de daarbij gebruikte elektriciteit. Naar het oordeel van het hof is op basis van het dossier niet concreet vast te stellen dat de verdachte als (mede)pleger betrokkenheid heeft gehad bij de diefstal van elektriciteit in [plaats] . Daarom is het hof van oordeel dat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs is dat de verdachte (mede)pleger is van elektriciteitsdiefstal. De verdachte zal dan ook worden vrijgesproken van het onder 2 tenlastegelegde.

Bewijsoverweging feit 3 deelname criminele organisatie

Standpunt van de advocaat-generaal
De verklaring van [naam] dient als basis voor de vraag wie de deelnemers aan de criminele organisatie zijn geweest. Zijn verklaring komt op verschillende onderdelen overeen met informatie uit het dossier en hij spaart zichzelf niet. De verklaring van [naam] moet daarom als betrouwbaar worden aangemerkt. Dat [naam] niet kan verklaren over de periode van de tenlastelegging doet aan de waarde van zijn verklaring niet af. Het feit dat [naam] gedetineerd is geraakt betekent immers niet dat de organisatie opgehouden is te bestaan.
Verdachte is als medepleger betrokken bij de hennepkwekerij in [plaats] . Hij komt in het OVC-gesprek terug als een deel van de groep die is aangehouden en gevangengehouden. [medeverdachte 5] geeft belastende informatie over hennepteelt die in groepsverband plaatsvindt. Verdachte is naar eigen zeggen daar een keer of vijf geweest, waarmee zijn bijdrage aan de criminele organisatie vaststaat.
Standpunt van de verdediging
De raadsman heeft bepleit dat verdachte moet worden vrijgesproken van het onder 3 tenlastegelegde. Er was geen sprake van een voldoende duidelijke modus operandi. De rol die verdachte in de criminele organisatie wordt toegedicht is onjuist nu hij maar in één kwekerij is aangetroffen. Het OVC gesprek tussen medeverdachte [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] , waarin de naam ‘ [verdachte] ’ genoemd wordt, is op zichzelf onvoldoende om tot het bewijs van een samenwerking in een zeker duurzaam verband te concluderen.
Oordeel van het hof
Uit de hiervoor ten aanzien van de onder feit 1 gebruikte bewijsmiddelen leidt het hof af dat verdachte zich samen met medeverdachten schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van grootschalige hennepteelt. Het hof bezigt die bewijsmiddelen ook voor het bewijs van de criminele organisatie. Daarnaast hecht het hof betekenis aan de verklaring van [naam] en het OVC-gesprek tussen [medeverdachte 5] en medeverdachte [medeverdachte 4] en de verklaring van [medeverdachte 5] daarover.
Uit de verklaring van [naam] leidt het hof af dat er al langere tijd sprake is geweest van een samenwerkingsverband tussen (onder meer) medeverdachten [medeverdachte 2] , [medeverdachte 4] , [medeverdachte 3] en andere betrokkenen gericht op grootschalige hennepteelt. Medeverdachte [medeverdachte 2] kan worden aangemerkt als de ‘timmerman’ die verantwoordelijk was voor de opbouw en exploitatie van hennepkwekerijen. Medeverdachte [medeverdachte 4] kan worden aangemerkt als degene die de organisatie aanstuurde, aan wie verantwoording werd afgelegd en die, ook in detentie, instructies gaf. Medeverdachte [medeverdachte 3] was voornamelijk als ‘elektricien’ verantwoordelijk voor de stroomvoorziening, ook achter de meter langs.
Hoewel de verklaring van [naam] ziet op een periode die vooraf is gegaan aan de tenlastegelegde periode ten aanzien van de deelname aan een criminele organisatie vindt de verklaring voor wat betreft de aard van het samenwerkingsverband met een zekere duurzaamheid en structuur steun in het OVC-gesprek tussen medeverdachte [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] en de verklaring van [medeverdachte 5] daarover. Uit het OVC-gesprek in combinatie met de overige bewijsmiddelen met betrekking tot de aangetroffen hennepkwekerijen volgt dat (ook) in de tenlastegelegde periode sprake was van een dergelijk samenwerkingsverband gericht op grootschalige hennepteelt én dat naast (onder meer) [medeverdachte 2] (“ [medeverdachte 2] ”), medeverdachten [medeverdachte 4] , [medeverdachte 3] (“ [medeverdachte 3] ”), en [medeverdachte 7] ook verdachte [verdachte] daarbij betrokken waren. Dat [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] met “ [medeverdachte 2] ” [medeverdachte 2] , “ [medeverdachte 3] ” [medeverdachte 3] , “ [verdachte] ” [verdachte] en [medeverdachte 1] hebben bedoeld leidt het hof onder meer af uit de overige bewijsmiddelen in het dossier waarin die namen terug komen en meer in het bijzonder de in het OVC-gesprek genoemde feitelijk juiste informatie over de voorlopige hechtenis van voormelde medeverdachten.
Meer specifiek wordt ten aanzien van verdachte zijn verdergaande betrokkenheid als verzorger van hennepplanten ondersteund door de stroomschema’s, lijsten en goederen die in zijn auto zijn aangetroffen en die wijzen op meer dan sporadische betrokkenheid bij hennepteelt.
Ten aanzien van de betrokkenheid van medeverdachte [medeverdachte 4] bij het criminele samenwerkingsverband heeft het hof meer in het bijzonder nog acht geslagen op het in de Transporter van (mede)verdachte [medeverdachte 2] aangetroffen document dat in het opsporingsonderzoek ook is aangeduid als ‘tijdlijn’. Over die tijdlijn valt op p. 195 en 196 onder meer het volgende te lezen:
Eén van de aangetroffen documenten, lijkt een tijdlijn met als onderwerp "uitgaven". De tijdlijn bestaat uit 5 middels een horizontale lijn aan elkaar verbonden blokken met daarin een tijdsindicatie en daaraan verbonden ballonnen met tekst weergevende gebeurtenissen en uitgaven. In de blokken staat bij sep.2014 in de tekstballon “ [medeverdachte 4] . weg” en bij jan.2017 “ [medeverdachte 4] . terug”. Uit het detentieoverzicht van de verdachte [medeverdachte 4] blijkt dat de begindatum van zijn detentie 2 september 2014 is en dat hij vanaf januari 2017 in de halfopen [inrichting] is geplaatst, waar hij dan vanaf dat moment geregeld met verlof kan. Deze gebeurtenissen passen in de tijdlijn.
Mede gezien overige inhoud van het dossier als geheel concludeert het hof hieruit dat met de aanduiding “ [medeverdachte 4] .” in de aangetroffen documenten wordt geduid op medeverdachte [medeverdachte 4] .
Tegen die achtergrond acht het hof relevant dat op een ander van de in deze verzameling in de Transporter aangetroffen documenten staat genoteerd:
8600 -> Bet. [medeverdachte 4] .
10.000 -> Bet. [medeverdachte 4] .
6400 -> tegoed [medeverdachte 4] .
Het hof leidt hieruit af dat medeverdachte [medeverdachte 4] investeringen heeft gedaan en kennelijk ook aanspraak had op revenuen. Gelet op de het hierboven al benoemde document met daarop getallen en de aanduiding “ [medeverdachte 4] ” in combinatie met de termen “”stek”, “stekhok” en “kniphok” gaat het hof ervan uit dat een en ander betrekking had op de teelt van hennep.
Op grond van de gebleken rolverdeling moet worden geconcludeerd dat sprake is geweest van een goed georganiseerd (professioneel), crimineel samenwerkingsverband dat overeenkomstig tevoren gemaakte plannen handelingen ten behoeve van de hennepteelt heeft uitgevoerd. Naar het oordeel van het hof is daarmee sprake van een criminele organisatie als bedoeld in artikel 11b van de Opiumwet.
Het hof leidt uit voormelde feiten en omstandigheden af dat verdachte tot de organisatie behoorde en dat hij handelingen heeft verricht die hebben bijgedragen aan het doel van de organisatie.
Bewijsmiddelen van het feit 3
Het hof gebruikt de bewijsmiddelen die zijn opgenomen voor feit 1 primair (hennepteelt [plaats] ) ook als bewijsmiddelen voor de criminele organisatie.
Aanvullende bewijsmiddelen criminele organisatie
[naam] heeft op 12 januari 2018 als getuige bij de politie verklaard, zakelijk weergegeven:
Ik werkte voor een autoverhuur bedrijf waar [medeverdachte 2] (
het hof begrijpt: [medeverdachte 2]), [medeverdachte 4] en [naam] klant waren. [38] Ik wist dat zij in de grootschalige wietteelt zaten en ze kwamen bij mij bussen huren om daarvoor te gebruiken. [medeverdachte 4] , [naam] en [medeverdachte 2] werkten al jaren samen in de wietteelt. [39] Hij had geen werk, hij zat alleen in de wietteelt. Hij was degene die de hokken altijd bouwde, samen met [medeverdachte 4] want [naam] had twee linker handen. [40] Het was heel grootschalig, daar hadden ze echt een dagtaak aan. [medeverdachte 4] stond aan het hoofd van de organisatie van hun drieën. Ze stonden verder met z’n drieën aan het hoofd, want daaronder hadden ze natuurlijk nog wel andere mensen werken zoals knippers en zo. [medeverdachte 4] was wel degene die bepaalde, zelfs toen hij vast zat. [naam] stond direct onder [medeverdachte 4] . Hij ging iedere week naar de gevangenis. [medeverdachte 2] stond daar weer net onder, hij ging ongeveer één keer per maand naar [medeverdachte 4] om bij te praten. [medeverdachte 2] zorgde voor de uitvoering, de inkoop et cetera en [naam] kreeg de opdrachten van [medeverdachte 4] en zette die door naar [medeverdachte 2] . [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] zijn heel close en [medeverdachte 5] regelde ook wel veel voor [medeverdachte 4] . [naam] deed de stroomvoorziening voor die (hennep)panden, ook achter de meter langs zeg maar. [41]
Verbalisant [verbalisant] heeft in haar proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Uit onderzoeksinformatie is gebleken dat op 7 mei 2018 [medeverdachte 4] bezoek zou ontvangen van [medeverdachte 5] (
het hof begrijpt: [medeverdachte 5] )in de PI in [plaats] . Hierop is door het onderzoeksteam OVC ingezet. [42]
[medeverdachte 5] : “Ik heb een hoop te vertellen. [medeverdachte 7] is 30 dagen weg.
[medeverdachte 4] : “30 dagen.
[medeverdachte 5] : “En [medeverdachte 3] heb 14 dagen
[medeverdachte 4] : Onze [medeverdachte 3] ? Waarom?
[medeverdachte 5] : “Ik denk dat euh..
[medeverdachte 4] : “Heeft [medeverdachte 7] wat gezegd of niet?
[medeverdachte 5] : Ik denk dat een paar bonnen naar boven zijn gekomen (..) [43] [medeverdachte 4] : “Maar het verhaal dus met [medeverdachte 7] dat hij is opgehaald en hij heb nu na z’n 14 dagen, heeft hij 30 dagen erbij gekregen.”
[medeverdachte 5] : “Ja. Ja. Die pakken ze allemaal straks in dezelfde regie zitting. [medeverdachte 2] , [verdachte] , [medeverdachte 7] , [medeverdachte 3] denk ik.”
[medeverdachte 4] : “Want [medeverdachte 3] zit ook vast?”
[medeverdachte 5] : “Ja, twee weken.”
[medeverdachte 4] : “Vind ik erg.”
[medeverdachte 5] : “Ja vind ik ook erg. Maar jouw naam komt nergens voor.
[medeverdachte 4] : “Nee dat hoop ik dat ze hun bek houden. Houdt ook [medeverdachte 7] z’n mond?”
[medeverdachte 5] : “Ik weet het niet.”
[medeverdachte 4] : “Maar euh… [verdachte] heeft niets gezegd?”
[medeverdachte 5] : “Nee. Ik heb zijn verklaring gelezen. Ik heb die inbeslaglijst gezien. Er staat van alles op en weet je wat ik nou mis? Al het gereedschap.”
[medeverdachte 4] : “Al het gereedschap.”
[medeverdachte 5] : “Al het gereedschap. Dat staat er niet op.”
[medeverdachte 4] : “Nee, maar die pakken ze. Daar letten ze wel op.”
[medeverdachte 5] : “Wie de politie?
[medeverdachte 4] : “Nee die gasten die…”
[medeverdachte 5] : “O die schrijven niks op?”
[medeverdachte 4] : “Nee die jongens die de boel opruimen, die pakken het. Dat is zo vaak weg.”
[medeverdachte 5] : “Oke. Naja dat is in ieder geval klaar.”
[medeverdachte 4] : “Het is te hopen dat… ntv…”
[medeverdachte 5] : “Ja dat hoop ik ook en [medeverdachte 3] heh.”
[medeverdachte 4] : “Ik heb jongen, ik heb tegen ze gezegd als dit fout gaat is dit natuurlijk een gigantische … ntv…”
[medeverdachte 5] : “ntv… Ik heb bij mij ook alles weggeflikkert, want ik zit er op te wachten dat ze voor de deur staan.”
[medeverdachte 4] : Hoe gaat het bedrijf nu door dan? [44] [medeverdachte 5] : Ik weet het niet.
[medeverdachte 4] : Dat hok die, die jongens hadden, [medeverdachte 7] ..ntv.. die binnen komt, [medeverdachte 2] die binnen komt ..ntv.. en dat zullen ze waarschijnlijk
[medeverdachte 5] : We stinken allemaal. [45]
[medeverdachte 5] : “Nou die makelaar die heb hem genaaid. Die heb gewoon gezegd, hij heb mij betaald. En euh en [medeverdachte 2] heb het helemaal verkut want in zijn bus lagen allemaal bonnen. En daar is het begonnen.”
[…]
[medeverdachte 4] : “Ik vind het erg voor [medeverdachte 3] .”
[medeverdachte 5] : “Ik vind het ook kut voor die jongen. Ik vind het een pleurisleijer, maar ik vind het wel erg. Ach hij moet niet zeiken, hij heb er altijd aan verdiend, kom op. In het verleden had hij ook…ntv… hij doet het voor iedereen hoor. Hij sluit voor iedereen die teringzooi aan. Maar je moet uit die zooi [medeverdachte 4] , je moet wat anders gaan doen.”
[medeverdachte 4] : “hm?”
[medeverdachte 5] : “Je moet uit deze teringzooi. Je moet wat anders gaan doen. Veel beter.”
[medeverdachte 4] : “Ja of alleen zelf doen.”
[medeverdachte 5] : “Ja of alleen. Maar niet…” [46]
[medeverdachte 4] : He maar nogmaals, met die [naam] volgas er op.
[medeverdachte 5] : Ja zal ik zeggen. Ik spreek hem straks.
[medeverdachte 4] : Volgas. Bedreigen alles er op en er aan. [47]
[medeverdachte 5] : Ja joh, iedereen is zenuwachtig [medeverdachte 4] . Iedereen is zenuwachtig. En voor [medeverdachte 3] vind ik het ook kut hoor.
[medeverdachte 4] : Vind ik ook. Je moet even naar [naam] toe gaan, dat het bedrijf wel door gaat (?)
[medeverdachte 5] : Waar woont hij ook alweer? [adres] heh?
[medeverdachte 4] : Ja. [48] [medeverdachte 5] : Nou dat kleine hokkie van jou hebben we afscheid van genomen hoor.
[medeverdachte 4] : Oke is ..ntv .. ons
[medeverdachte 5] : Nee ik vind het voor [medeverdachte 3] wel kut dus ik zal vanmiddag wel even ..
[medeverdachte 4] : Ja is ook kut. Zeg ook tegen [naam] dat ze haar bek dicht houd
[medeverdachte 5] : Ja gaan we doen. [49]
[medeverdachte 5] heeft op 14 december 2018 als getuige bij de politie verklaard, zakelijk weergegeven:
V: In het gesprek gaat het over [medeverdachte 3] (
het hof begrijpt: [medeverdachte 3]), dat u het een pleurislijer vindt, dat hij niet moet zeuren en dat hij er altijd aan heeft verdiend, dat hij voor iedereen die teringzooi aansluit. Wat kunt u hierover zeggen?
A: Dat gaat over die aansluitingen in hennepkwekerijen die hij altijd heeft gedaan.
V: U zegt in het gesprek dat [medeverdachte 4] wat anders moet gaan doen. Wat bedoelt u hiermee?
A: Dat hij gewoon iets anders moet gaan doen en niet meer bezig moet zijn met die wiet. [50]
Bijkomende bewijsmiddelen criminele organisatie
Het hof gebruikt tot slot voor het bewijs van de criminele organisatie en de rol en betrokkenheid daarbij van de in de bewezenverklaring genoemde medeverdachten eveneens bewijsmiddelen die zien op de professionele hennepteelt op de locatie [adres] .
Algemene bewijsmiddelen hennepkwekerij [adres]
Verbalisanten [verbalisant] en [verbalisant] hebben in hun proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op 8 februari 2018 hebben wij (
het hof: aan het pand aan de [adres]) onderzoek ingesteld. Wij zagen dat het pand er verlaten bij lag. Wij zagen dat dit pand beveiligd was met camera’s. Wij zagen dat er in het pand een ruimte was gemaakt. Wij zagen dat deze ruimte was gemaakt met zogenoemde isolatieplaten. Wij zagen dat er een zeecontainer tegen de rechter achterzijde stond. Wij zagen dat er in het midden van de muur een grote roldeur zat. Middels een warmtebeeld camera is de achterzijde van het pand bekeken. Vastgesteld is dat de zeecontainer en de roldeur warm waren. [51]
Verbalisant [verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal aantreffen hennepkwekerij onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
In het pand aan de [adres] werd op 9 februari 2018 binnengetreden. Het bleek dat op genoemd adres een hennepkwekerij met planten aanwezig was. In de loods was een ruimte gemaakt van isolatieplaten. In deze ruimte werden vijf kweekruimtes aangetroffen: [52]
- kweekruimte 1: in totaal stonden er 374 hennepplanten;
- kweekruimte 2: in totaal stonden er 375 hennepplanten; [53]
- kweekruimte 3: in totaal stonden er 397 hennepplanten;
- kweekruimte 4: in totaal stonden er 385 hennepplanten; [54]
- kweekruimte 5: in totaal stonden er 362 hennepplanten. [55]
De stroomvoorziening ten behoeve van de hennepkwekerij werd illegaal afgenomen. Het bleek dat de illegale aftakking achter de meterkast zat. In de ruimte om de hennepkwekerij heen werd [medeverdachte 8] aangetroffen. Hij verklaarde daar aanwezig te zijn ter beveiliging van de hennepplanten. [56]
Verbalisant [verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op 9 februari 2018 vond het onderzoek plaats aan een hoeveelheid plantendelen afkomstig uit de afzonderlijke kweekruimtes van een in werking zijnde hennepkwekerij op de [adres] . (…) Ik zag dat de tests een duidelijke positieve kleurreactie gaven, indicatief voor THC, zijnde de werkzame stof in hennep en hasjiesj. [57]
Verbalisant [verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Ik zag dat de ruimte voor de kwekerij aan de [adres] werd gebruikt als afvalplek. Ik zag daar een grote hoeveelheid vuilniszakken liggen. Ten behoeve van het onderzoek heb ik de vuilniszakken in beslag genomen. Ik heb vier zakken geopend. Ik zag dat in elke zak afgeknipte hennepplanten zaten. Ik heb vervolgens van alle vier de zakken de hoeveelheid planten geteld. Ik heb geteld dat er in deze vier zakken 57 planten zaten. Vervolgens heb ik alle zakken geteld. Ik telde dat er in totaal 187 zakken lagen. Ik voelde tijdens het tellen dat de zakken vermoedelijk allemaal dezelfde inhoud bevatten vanwege het gewicht en vanwege de structuur van de potgrond wat ik voelde. Hierop heb ik uitgerekend dat er vermoedelijk in totaal 10.659 stekken waren verpakt in de vuilniszakken. [58]
Medeverdachte [medeverdachte 8] heeft op 9 februari 2018 bij de politie onder meer als volgt verklaard, zakelijk weergegeven:
Ik moest daar letten op de marihuana. In de loods had ik een plek waar ik sliep. [59] Het wapen is van de eigenaar van het pand. Ik moest voorkomen dat er mensen zouden komen die er niets te zoeken hadden. Ik ben een soort van bewaker. Ik heb het vuurwapen zien liggen. [60]
Periode en verdachten hennepkwekerij [adres]
[getuige 3] is op 11 juli 2019 als getuige gehoord door de rechter-commissaris en heeft als volgt verklaard, zakelijk weergegeven:
In de zomer van 2017 was er weer activiteit in het pand aan de [adres] . Ik heb activiteiten gehoord. Als ik daar was, ook doordeweeks, dan hoorde ik dat er werd gebouwd. Ik hoorde bijvoorbeeld schroefboormachines. Ik hoorde dat er dingen in elkaar werden gezet. In het begin was het bouwgeluid heel frequent. Ik heb er twee mensen gezien. Die heb ik ook gesproken. Een wat jongere man met behoorlijk wat tatoeages en een wat oudere man die was wat gezetter. [61]
Op een gegeven moment werd er een container achter het hek geplaatst. Vervolgens werden de ruiten geblindeerd, gematteerd eigenlijk, zodat je niet meer naar binnen kon kijken. Aan de zijkant van het gebouw werden ook containers geplaatst zodat je niet meer naar binnen kon kijken. De beglazing werd bestickerd met een doek van een schoonmaakbedrijf en het hek werd geblindeerd met een soort spandoek.
In het begin zag ik een grijze Volkswagen Transporter met een dubbele cabine met geblindeerde ruiten achterin. De jongen die ik als eerste aanduidde reed daar in. In het begin zag ik dat busje daar vrij vaak, toen ze nog aan het klussen waren en later eigenlijk niet meer. [62]
Verbalisanten [verbalisant] en [verbalisant] hebben in hun proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Wij waren ter plaatste aan de [adres] . Op dit adres zit [bedrijf] gevestigd. Wij stelden [naam] de vraag of hij in de afgelopen tijd opvallende dingen had gezien in of rondom het bedrijfspand aan de [adres] . Wij hoorden [naam] zeggen dat er in juli 2017 een man bij hem aan de deur had gestaan. [naam] vertelde dat deze man in een donkerkleurig voertuig reed. De man zou aan [naam] hebben verteld dat hij van een schoonmaakbedrijf in Amsterdam was en dat hij dit door wilde zetten in de polder. De loods aan de [adres] zou het magazijn hiervoor worden. [naam] had de man later niet meer gezien.
Op 27 juli 2017 heeft [naam] twee voertuigen bij de loods gezien. [naam] vertelde ons dat hij dit verdacht vond omdat rond die tijd panelen werden gebracht. Het hek van het pand zou dan geopend worden en dan reden de bussen het terrein op en werd het hek meteen gesloten. [naam] kon ons deze twee kentekens overhandigen: [kenteken] , donker grijs van kleur en [kenteken] , donker grijs van kleur. [naam] vertelde ons dat hij, nadat deze panelen zijn gebracht er een tussenwand is geplaatst in de loods. Deze tussenwand was te zien vanaf het terrein van [naam] . Niet veel later werden ook de ramen geblindeerd van het pand. Op 28 juli 2017 is het slot vervangen. [63] [naam] vertelde ons dat hij de bestuurders van beide bussen wel eens heeft gezien: persoon 1: gezet en blanke huidskleur en persoon 2: mager en blanke huidskleur. [naam] vertelde dat een van deze mannen tatoeages op zijn armen had. [64]
[verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Uit het buurtonderzoek komt het kenteken [kenteken] naar voren (er mist een cijfer). Het is mij bekend dat [medeverdachte 2] een contact is van [medeverdachte 7] . Uit onderzoek bij de Rijksdienst voor het wegverkeer zag ik dat [medeverdachte 1] een voertuig op naam had staan met het kenteken
[kenteken] . Ik zag dat de volgende gegevens van het kenteken bekend waren: Renault Trafic, bedrijfsauto. [65]
Verbalisanten [verbalisant] en [verbalisant] hebben in hun proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
De verdachte [medeverdachte 9] gaf in zijn verhoor aan contact te hebben gehad met dhr. [naam] (
het hof begrijpt: [naam]) van [bedrijf] uit Amsterdam. Hierop heb ik gekeken in een eerder verkregen uitdraai van de kamer van koophandel met betrekking tot [bedrijf] en ik zag dat de eigenaar van dat bedrijf [naam] betreft. Tevens gaf [medeverdachte 9] aan een persoon tijdens een transactie van de huur gezien te hebben. Hij verklaarde dat de man een tatoeage in zijn hals had en een breed postuur had en blank van huidskleur was. Hierop dachten wij, verbalisanten [verbalisant] en [verbalisant] aan de persoon [medeverdachte 2] . Deze betreffende [medeverdachte 2] is de aanleiding van het aantreffen van de hennepkwekerij. [66]
Medeverdachte [medeverdachte 9] heeft op 15 februari 2018 bij de politie onder meer als volgt verklaard, zakelijk weergegeven:
Begin augustus hebben [naam] en [naam] telefonisch contact met mij opgenomen om te kijken naar het pand. Ze hebben toen het pand bekeken. [67] Eind juli zou kunnen. Ze zijn twee keer geweest en toen hebben we getekend, wanneer dat dan precies was weet ik niet zo goed. In november kreeg ik contact met [medeverdachte 7] . Die kwam met de melding dat die [naam] uit de picture was en er zou ook wat met die [naam] zijn, dus ze wilde het huurcontract gaan veranderen want er kwam een ander persoon op het contract te staan. [medeverdachte 7] heeft toen contant bij mij betaald. [medeverdachte 7] heeft een breder postuur dan die van [naam] , 1.85 meter lang, blank, blond kort haar, geen piercings of opgevallen tattoos. [68] Tijdens de ontmoeting was er nog iemand bij. Deze persoon was een stevig zwaarlijvige man, ongeveer 30 jaar oud, bruin haar, blank, zichtbare tattoo in de hals. 3 november kreeg ik een sms of we dinsdag konden afspreken in de loods in verband met het contract. Ik heb die dinsdag de huur gekregen. [69]
[verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op 18 januari 2018 werd [medeverdachte 2] aangetroffen in een Volkswagen Transporter met kenteken [kenteken] . [70] Op 23 januari 2018 heb ik onderzoek ingesteld naar het in beslag genomen voertuig. In het voertuig trof ik facturen in verschillende tassen aan [71] :
- [bedrijf] d.d. 18 december 2017, [adres] :
Verschillende artikelen waaronder koord en een daarvoor bestemde koordkikker. Ambtshalve is bekend dat de betreffende goederen gebruikt kunnen worden bij inrichtingen van hennepkwekerijen. Dit om de hoogte van de lampen t.o.v. hennepplanten te verkleinen of vergroten;
- [bedrijf] :
[merknaam] Co2 Controller en Burner. Ambtshalve is bekend dat dergelijke goederen gebruikt worden voor hennepkwekerijen om de groeitijd met twee weken in te korten tot een periode van 8 weken.
- [bedrijf] d.d. 27 juli 2017, [plaats] :
Twaalf pakketten sandwichpanelen. Afleveradres: [adres] . Datum: 27 juli 2017;
- Goedkope bouwmaterialen:
35 stuks vuren houten platen. [72]
In het voertuig trof ik tevens verschillende stukken papier aan met daarop aantekeningen. Ik zag dat er bij deze aantekeningen een tekening was gemaakt van een vierkant met daarin verschillende ruimtes aangeduid met de letters en cijfers A1-A2 en B1-B2. Ik zag dat er tevens de volgende woorden bij werden vermeld: Ferro Wortel, Top viagra, Super Royal, PH +/- en Ferro Enzym. Uit onderzoek in open bronnen bleek dat het op plant versterkende middelen ging.
Ik zag dat er in het voertuig aantekeningen lagen met daarop verwijzingen naar de inrichting van een hennepkwekerij, waaronder de woorden: Fan (ventilator), Climat control, bord, kappen, lampen, trafo, draad, vijver folie, koppelingen, vat en sproeiers.
Ik zag tevens een aantekening in het voertuig met daarop de Titel “Project 1”. Ik zag dat dit project bestond uit de volgende onderdelen: ‘project stek’, ‘belletering’, ‘stek hok’, ‘alarm’, ‘roldeur’, ‘camera’s’, ‘code systeem’, ‘kniphok’ [73] , ‘bali + computers’, ‘benodigdheden’, ‘huur komende drie maanden’, ‘35.000/40.000 euro per partij’, ‘partij 1 “wij”, partij 2 “hun”’, ‘opmerking: “ Jan komt er nog bij, bord + aansluiting +/- 2000?’, ‘als we do of vrij datum krijgen we voor P3, ook zooi moeten bestellen en betalen’, ‘panden  +/- 25.000’, ‘hout + ijzer  +/- 6.000’ en ‘A.C.  +/- 40.000’. [74]
Een schriftelijk bescheid, gevoegd als Bijlage 11 aan het proces-verbaal van bevindingen van [verbalisant] van 24 januari 2018:
In de bus van medeverdachte [medeverdachte 2] is een handgeschreven aantekening aangetroffen die ziet op project 1 en waarbij is vermeld: “Project 1 +/- 12.000 % 2 S + M = +/- 6.000”. [75]
[verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op 23 januari 2018 werd de Volkswagen Transporter onderzocht en werden onder meer een grote hoeveelheid documenten aangetroffen, die er op wezen dat [medeverdachte 2] goederen had gekocht, die gebruikt konden worden voor het binnen kweken van hennepplanten onder kunstlicht. [76]
Er was sprake van meerdere geschreven lijstjes met benodigde kweekmaterialen voor het bouwen en inrichten van een hennepkwekerij. Het kweekmateriaal wat op deze lijstjes staat vermeld, komt overeen met het kweekmateriaal aangetroffen in de hennepkwekerij in het bedrijfspand aan de [adres] , zoals 152 kappen, 144 lampen van 600 Watt en acht lampen van 400 Watt, 144 trafo’s van 600 Watt en acht trafo’s van 400 Watt, boxventilatoren, koolstoffilters, watervaten, vatverwarmers, circulatiepompen, climatcontrolers, wasmachinebakken, PH + EC meter, etc.
Een lijstje met aantekeningen en data betreffende het oogsten, knippen en het zetten van stekken in hok 1 t/m 4, zoals aangetroffen in de hennepkwekerij in het bedrijfspand aan de [adres] .
Een document met een tekening met een plattegrond van een kweekruimte met daarin de opstelling van de watergekoelde airconditioners en CO2, zoals gebruikt in de kweekruimten in de hennepkwekerijen in de bedrijfspanden op de [adres] .
Een memo met daarop geschreven het adres van een website ‘ [bedrijf] ’, het schoonmaakbedrijf van verdachte [naam] , de huurder van het bedrijfspand aan de [adres] . [77]
Verbalisant [verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Tijdens het onderzoek in de Volkswagen Transporter zijn meerdere goederen aangetroffen, waaronder een mobiele telefoon van het merk Alcatel type One Touch. [78] Ik zag dat onder andere de volgende namen en telefoonnummers onder het tablad ‘Contacts’ stonden opgeslagen: ‘ [medeverdachte 2] ’, ‘ [verdachte] ’, ‘ [medeverdachte 5] ’, ‘ [medeverdachte 3] ’, ‘ [medeverdachte 7] ’ en ‘ [naam] ’. [79]
Ik zag dat onder andere de onderstaande sms-berichten tussen de gebruiker van de genoemde Alcatel telefoon en de gebruikster van het telefoonnummer + [telefoonnummer] , voorzien van de naam ‘ [medeverdachte 2] , werden weergegeven:
24 oktober 2017 to [telefoonnummer] [medeverdachte 2] : “hey meid alles goed even een vraag wanneer konden jullie werken en de vraag of jullie het goed vinden daar in hotel te slapen scheelt hoop reizen we kunnen vanaf vrijdag of zaterdag aan de gang en dan tot het klaar is gr [medeverdachte 2] ” [80] ;
26 oktober 2017 to [telefoonnummer] [medeverdachte 2] : “hey mop we beginnen morgen met werken laat je vanmiddag even weten hoe laat ik je ophaal morgen x”. [81]
Verbalisant [verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Uit CIOT bevraging blijkt dat het telefoonnummer + [telefoonnummer] toebehoort aan [naam] . Uit onderzoek binnen de politiesystemen blijkt dat er mutaties zijn waaruit is op te maken dat [naam] bevriend is met [medeverdachte 6] . [82]
Medeverdachte [medeverdachte 6] heeft op 8 oktober 2018 bij de politie onder meer als volgt verklaard, zakelijk weergegeven:
Ik heb een iPhone met het telefoonnummer [telefoonnummer] op naam van mijn vriend [naam] . [83]
Medeverdachte [medeverdachte 6] heeft op 8 oktober 2018 bij de politie onder meer als volgt verklaard, zakelijk weergegeven:
Enige tijd geleden ben ik een man tegengekomen die [medeverdachte 2] heet. Ik ken hem verder niet. Ik raakte met hem in gesprek en toen hebben we telefoonnummers uitgewisseld. [medeverdachte 2] heeft mij een paar dagen later gebeld. Ik vertelde [medeverdachte 2] ook over mijn schulden. [medeverdachte 2] vroeg mij dan ook een paar dagen later of ik interesse had in schoonmaakwerk. Ik was daar natuurlijk wel in geïnteresseerd. Ik heb dus ingestemd. [medeverdachte 2] vertelde mij op een gegeven moment dat ik een hotel moest regelen in of in de buurt van [plaats] , omdat ik daar moest gaan werken. Dat is dan rond december 2017 geweest. Het zou eerst voor 2 of 3 dagen zijn. het is uiteindelijk van zaterdag tot vrijdag geworden, dus volgens mij 6 dagen in totaal. [medeverdachte 2] heeft het allemaal betaald. Ik moest in de ochtend om 07.00 uur klaar staan. Ik ben daar met [medeverdachte 2] naartoe gegaan, in zijn bus. Ik moest van hem achter in de bus gaan zitten. [84]
Ik stond binnen in een gebouw. Hij was naar binnen gereden met zijn bus. Ik stond in een ruimte met een groot rolluik. [medeverdachte 2] nam mij mee naar een andere ruimte. Hij vertelde mij toen dat wat ik eigenlijk moest gaan doen. Hij noemde het een soort schoonmaken, maar dan anders. Hij liet me toen ook die hennepplanten zien. Ik herkende de planten als hennepplanten. [medeverdachte 2] heeft mij uitgelegd wat de bedoeling was. Ik had nog nooit eerder hennepplanten geknipt. Hij deed het mij ook voor. Ik was daar niet alleen. Er waren nog vier vrouwen. Ik kende die vrouwen niet. [85] Zij hebben ook geknipt van zaterdag tot vrijdag. Die andere vrouwen werden ook door [medeverdachte 2] opgehaald. Het waren allemaal oudere vrouwen. Die hadden duidelijk ervaring.
V: Ik toon je nu een aantal foto’s van het bedrijfspand aan de [adres] waar de hennepkwekerij is aangetroffen. Kun je hierop reageren?
A: Ik herken de foto’s die aan de achterkant of zijkant zijn. Daar reed die bus naar binnen en daar ging ik dan de ruimte in waar ik moest knippen. Ik heb daar één keer geknipt. [86]
[medeverdachte 6] als getuige heeft op 11 juli 2019 ten overstaan van de rechter-commissaris als volgt verklaard, zakelijk weergegeven:
Hetgeen wat geknipt was, werd door [medeverdachte 2] in zakken gedaan. [87]
Verbalisant [verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Uit de verkeersgegevens van telefoonnummer [telefoonnummer] blijkt dat dit telefoonnummer, in gebruik bij [medeverdachte 7] , op onderstaande datum en tijd aanstraalt op de mast [adres] , zijnde in de directe omgeving van de [adres] :
- 30 oktober 2017 om 14.10 en 14.57 uur;
- 4 november 2017 om 13.09 en 13.29 uur;
- 21 november 2017 om 12.50, 12.51 en 16.32 uur;
- 13 december 2017 om 07.14, 07.16 en 07.26 uur. [88]
Verbalisant [verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Er is onderzoek gedaan naar de opgeslagen gegevens op de iPhone van [medeverdachte 7] , in beslag genomen op 10 april 2018 tijdens de doorzoeking van perceel [adres] . Bij het bekijken van een groot aantal opgeslagen afbeeldingen op de iPhone werden twee foto’s aangetroffen waarop een schema zichtbaar was. Dit schema betreft een bestickeringsschema van perceel [adres] , zoals de bestickering ook daadwerkelijk door de politie werd aangetroffen tijdens het aantreffen van de hennepplantage op 9 februari 2018. Op dit schema is duidelijk zichtbaar de afmetingen van de ramen, de kleur van de bestickering (blauw met logo), met mailadres ( [mailadres] ). [89]
[verbalisant] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op 19 april 2018 werd de bestelauto van [medeverdachte 1] , van het merk Renault Trafic met kenteken [kenteken] in beslag genomen. In deze bestelauto werden door mij onder andere 2 automagneetplaten aangetroffen met daarop de tekst: “ [bedrijf] ”. Magneetplaten gelijk aan de twee magneetplaten, die eerder in de bestelauto van [medeverdachte 2] , een Volkswagen Transporter met kenteken [kenteken] zijn aangetroffen. [bedrijf] zou het schoonmaakbedrijf zijn dat ten behoeve van hun bedrijfsactiviteiten [adres] zou hebben gehuurd. Het pand bleek aan de buitenzijde te zijn voorzien van reclame van dit schoonmaakbedrijf. Genoemd bedrijfspand bleek echter alleen geschikte te zijn gemaakt en te zijn gebruikt voor het kweken van hennepplanten onder kunstlicht. [90]

Bewezenverklaring

Het hof acht op grond van de inhoud van wettige bewijsmiddelen, wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1 primair en 3 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:
1.primair
hij in of omstreeks de periode van 1 december 2017 tot en met 14 maart 2018 te [plaats] , tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk heeft geteeld, bewerkt en verwerkt, in een pand aan de [adres] , een hoeveelheid van ongeveer 5304 hennepplanten, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II.
3.
hij in de periode van 1 oktober 2017 tot en met 14 maart 2018 in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, te weten [medeverdachte 2] , [medeverdachte 1] , [medeverdachte 3] , [medeverdachte 4] en een of meer onbekend gebleven personen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van een of meer misdrijven als bedoeld in artikel 11 derde Pro en vijfde lid van de Opiumwet.
Het hof spreekt verdachte vrij van die onderdelen van de tenlastelegging die hierboven niet bewezen zijn verklaard.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde is strafbaar.
Het onder 1 primair bewezenverklaarde levert op:
medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet gegeven verbod.
Het onder 3 bewezenverklaarde levert op:
deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven als bedoeld in artikel 11, derde en vijfde lid van de Opiumwet.

Strafbaarheid van verdachte

Verdachte is strafbaar omdat geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die maakt dat verdachte niet strafbaar is.

Oplegging van straf

Bij het bepalen van de straf houdt het hof rekening met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte.
Met betrekking tot de aard en de ernst van de bewezenverklaarde feiten heeft het hof in het bijzonder acht geslagen op:
  • de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komt in het hierop gestelde wettelijk strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd;
  • de omstandigheid dat verdachte zich gedurende een periode schuldig heeft gemaakt aan het deelnemen aan een criminele organisatie met het oogmerk van het op bedrijfsmatige schaal telen van grote hoeveelheden hennep. Deze organisatie huurde daartoe grote bedrijfspanden die vervolgens listig met behulp van bestickering werden gemaskeerd als ware in die panden bonafide ondernemingen bezig met hun reguliere bedrijfsvoering. Voorts werden de kwekerijen beveiligd met camera’s en werd een kwekerij beveiligd door een persoon met een vuurwapen. Verdachte is gedurende deze periode een onmisbare schakel gebleken bij het telen van hennep. Verdachte fungeerde binnen de organisatie als de verzorger van de hennepplanten. Hij was verantwoordelijk voor de verzorging van de hennepplanten in de kwekerij in [plaats] , alwaar ruim 5300 hennepplanten in een grootschalige, professioneel ingerichte kwekerij werden geteeld. De illegale hennepteelt op zulke grote schaal en in georganiseerd verband is maatschappelijk onaanvaardbaar. Een dergelijke organisatie met dat oogmerk heeft een onmiskenbaar ontwrichtende werking op het maatschappelijk en economisch verkeer.
Met betrekking tot de persoon van verdachte heeft het hof in het bijzonder acht geslagen op:
  • de inhoud van het strafblad van verdachte van 17 december 2025, waaruit volgt dat verdachte eerder onherroepelijk is veroordeeld voor een druggerelateerd feit. Dit neemt het hof in strafverzwarende zin mee. Verder houdt het hof rekening met de toepassing van artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht;
  • de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, voor zover daarvan uit het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg en in hoger beroep is gebleken. Verdachte heeft een schildersbedrijf, woont samen met zijn vriendin en zoon en geeft voetbaltraining.
Verder heeft het hof geconstateerd dat de redelijke termijn waarbinnen de berechting had moeten plaatsvinden in hoger beroep is overschreden. De redelijke termijn in hoger beroep is aangevangen op 13 januari 2020, de dag waarop verdachte hoger beroep heeft ingesteld. Dit arrest wordt uitgesproken op 3 maart 2026, en dus niet binnen twee jaar na aanvang van de redelijke termijn. Het hof constateert dat sprake is van forse overschrijding van de redelijke termijn van vier jaren en ruim één maand. Aan die overschrijding zal het hof gevolgen verbinden door de toepassing van een andere strafmodaliteit dan in eerste aanleg is gedaan.
Het hof komt tot een andere bewezenverklaring dan de rechtbank. Het hof acht in beginsel een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de onderhavige bewezenverklaarde feiten aangewezen. Gelet echter op de forse overschrijding van de redelijke termijn en de in positieve zin gewijzigde persoonlijke omstandigheden van verdachte, ziet het hof aanleiding om geen onvoorwaardelijke gevangenisstraf aan verdachte op te leggen. Alles afwegende en in onderlinge samenhang bezien, acht het hof een taakstraf van 240 uren, subsidiair 120 dagen hechtenis, met daarnaast een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden, met een proeftijd van 2 jaren, met aftrek van het voorarrest, passend en geboden.

Vordering van de benadeelde partij [benadeelde]

De benadeelde partij heeft een vordering tot schadevergoeding van € 12.230,67 ingediend. De benadeelde partij is door de rechtbank niet-ontvankelijk verklaard in de vordering.
De benadeelde partij heeft deze vordering in hoger beroep in deze zaak niet gehandhaafd, zodat het hof hierop niet heeft te beslissen.

Wetsartikelen

De straf en/of maatregel is gebaseerd op de artikelen 3 en 11 van de Opiumwet en de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 47, 57, 63 en 140 van het Wetboek van Strafrecht.
Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden op het moment van het bewezenverklaarde.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het onder 2 tenlastegelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1 primair en 3 tenlastegelegde heeft begaan.
Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Verklaart het onder 1 primair en 3 bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.
Veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (drie) maanden.
Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Veroordeelt de verdachte tot een
taakstrafvoor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
120 (honderdtwintig) dagen hechtenis.
Gelast de teruggave aan de verdachte van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten: personenauto ( [kenteken] ) en de telefoon Samsung S8.
Dit arrest is gewezen door mr. G.A. Versteeg, mr. F.E.J. Goffin en mr. A.F. van Kooij, in aanwezigheid van de griffier mr. G.A.G. van Essen en is uitgesproken op de openbare zitting van het hof van 3 maart 2026.

Voetnoten

1.Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreft dit pagina's van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 21 januari 2019, genummerd PL0900- 2018037426 en PL0900-2018071341, opgemaakt door politie Midden-Nederland, Dienst Regionale Recherche, doorgenummerd l tot en met 2419. Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.
2.Pagina 97.
3.Pagina 1683.
4.Pagina 1684.
5.Pagina 1685.
6.Pagina 1686.
7.Pagina 1687
8.Pagina 1689.
9.Pagina 1698.
10.Pagina 1732.
11.Pagina 674.
12.Pagina 675.
13.Pagina 717.
14.Pagina 718.
15.Pagina 29.
16.Pagina 26.
17.Pagina 28.
18.Pagina 29.
19.Pagina 126.
20.Pagina 127.
21.Pagina 187.
22.Pagina 192.
23.Pagina 195.
24.Pagina 196.
25.Pagina 206.
26.Pagina 207.
27.Pagina 208.
28.Pagina 209.
29.Pagina 89.
30.Pagina 92.
31.Pagina 97.
32.Pagina 327.
33.Proces-verbaal van de zitting van het hof van 20 januari 2026.
34.Pagina 120.
35.Pagina 121.
36.Pagina 2183.
37.Pagina 2184.
38.Pagina 1780.
39.Pagina 1781.
40.Pagina 1783.
41.Pagina 1784.
42.Pagina 166.
43.Pagina 169.
44.Pagina 170.
45.Pagina 171.
46.Pagina 172.
47.Pagina 173.
48.Pagina 175.
49.Pagina 177
50.Pagina 1835.
51.Pagina 46.
52.Pagina 1600.
53.Pagina 1601.
54.Pagina 1602.
55.Pagina 1603.
56.Pagina 1605.
57.Pagina 430.
58.Pagina 432.
59.Pagina 2410.
60.Pagina 2411.
61.Het proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 3] door de rechter-commissaris van 11 juli 2019, blad 2.
62.Het proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 3] door de rechter-commissaris van 11 juli 2019, blad 3.
63.Pagina 57.
64.Pagina 58.
65.Pagina 84.
66.Pagina 67.
67.Pagina 2367.
68.Pagina 2368.
69.Pagina 2370.
70.Pagina 29.
71.Pagina 26.
72.Pagina 27.
73.Pagina 28.
74.Pagina 29.
75.Pagina 37.
76.Pagina 126.
77.Pagina 127.
78.Pagina 74.
79.Pagina 75.
80.Pagina 77.
81.Pagina 76.
82.Pagina 688.
83.Pagina 2177.
84.Pagina 2181.
85.Pagina 2182.
86.Pagina 2183.
87.Het proces-verbaal van verhoor van getuige [medeverdachte 6] door de rechter-commissaris van 11 juli 2019, blad 3.
88.Pagina 104.
89.Pagina 130.
90.Pagina 323 en 324.