Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHARL:2026:1548

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
12 maart 2026
Publicatiedatum
13 maart 2026
Zaaknummer
P26-008
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 67 Wet op de rechterlijke organisatie
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging terbeschikkingstelling met een jaar na beoordeling onafhankelijke rapportages

De terbeschikkinggestelde was in beroep gegaan tegen de beslissing van de rechtbank Midden-Nederland die de terbeschikkingstelling met twee jaar verlengde. Het hof heeft de zaak opnieuw beoordeeld, mede op basis van aanvullende informatie en adviezen van onafhankelijke rapporteurs.

De terbeschikkinggestelde gaf aan dat het goed met hem gaat en verzocht om verlenging met slechts één jaar. De advocaat-generaal pleitte voor bevestiging van de tweejarige verlenging vanwege de nog lopende behandeling en onduidelijkheid over de toekomstige woonsituatie.

Het hof stelde vast dat de terbeschikkinggestelde lijdt aan een autismespectrumstoornis en schizofrenie, met een hoog recidiverisico bij beëindiging van de maatregel. Gezien de adviezen van de onafhankelijke rapporteurs en de omstandigheden besloot het hof de verlenging te beperken tot één jaar om de mogelijkheden voor verdere resocialisatie en plaatsing in een 24-uurs GGZ-voorziening te kunnen monitoren.

De beslissing van de rechtbank werd vernietigd en de terbeschikkingstelling met één jaar verlengd. Deze maatregel is gericht op het waarborgen van de veiligheid van de samenleving en het bieden van passende zorg aan de terbeschikkinggestelde.

Uitkomst: De terbeschikkingstelling is verlengd met een termijn van één jaar in plaats van twee jaar.

Uitspraak

TBS P26/008

Beslissing van 12 maart 2026

De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van

[terbeschikkinggestelde] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1985,
verblijvende in Forensisch Psychiatrische Afdeling (FPA) [locatie] ,
verder te noemen: de terbeschikkinggestelde.
Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank Midden-Nederland, zittingsplaats Lelystad, van 27 oktober 2025. Deze beslissing houdt in de verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaren.
Het hof heeft gelet op dezelfde stukken als de rechtbank en daarnaast op:
- het proces-verbaal van het onderzoek in eerste aanleg;
- de beslissing waarvan beroep;
- de akte van 30 oktober 2025 waarbij de terbeschikkinggestelde beroep heeft ingesteld;
- de aanvullende informatie van FPC [locatie] van 11 februari 2026, met als bijlage de wettelijke aantekeningen over de periode van 5 juni 2025 tot 11 december 2025.
Het hof heeft ter zitting van 26 februari 2026 gehoord de advocaat-generaal,
mr. [naam] , en de terbeschikkinggestelde, bijgestaan door zijn raadsvrouw,
mr. L.A. Versteegh, advocaat te 's-Gravenhage.

Overwegingen

Het standpunt van de terbeschikkinggestelde
De terbeschikkinggestelde wil dat de maatregel wordt verlengd met één jaar in plaats van twee jaren. Hij geeft aan dat het goed met hem gaat. Zijn medicatie is recent verhoogd, hij accepteert dit en ervaart hierdoor meer rust in zijn hoofd. De terbeschikkinggestelde heeft begeleid verlof en bezoekt tijdens die verloven zijn moeder in de omgeving van [plaats] . De raadsvrouw heeft verzocht de maatregel te verlengen met één jaar en daarbij aansluiting te zoeken bij het advies van de onafhankelijke deskundigen.
Het standpunt van het openbaar ministerie
De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot bevestiging van de beslissing van de rechtbank. Aan de wettelijke criteria voor verlenging van de maatregel is voldaan. De terbeschikkinggestelde is recent overgeplaatst naar de FPA. Die overgang is grotendeels goed verlopen. De terbeschikkinggestelde neemt zijn medicatie en functioneert stabiel. Het doel is om meer vrijheden op te bouwen en te monitoren of hij stabiel blijft. De kliniek geeft aan in ieder geval twee jaar nodig te hebben voor het vervolgtraject. De terbeschikkinggestelde staat nog midden in zijn behandeling voor wat betreft therapie en medicatie. Voor de toekomst moeten er nog veel dingen uitgezocht worden, zoals de woonsituatie en het meest passende kader. Daarover is nu nog geen duidelijkheid. Een verlenging met twee jaren is daarom aangewezen.
Het oordeel van het hof
Vernietiging
Het hof zal de beslissing van de rechtbank vernietigen omdat het tot een andere beslissing komt met betrekking tot de duur van de verlenging van de maatregel.
Indexdelicten
Het hof stelt vast dat de terbeschikkinggestelde bij arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 3 oktober 2013 is veroordeeld voor onder meer belaging. In dat arrest is vastgesteld dat deze belaging een misdrijf is dat gericht is tegen en/of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van één of meer personen. De terbeschikkingstelling is daarom niet in duur beperkt.
Stoornis en recidivegevaar
Uit het verlengingsadvies van FPC [locatie] van 14 augustus 2025 volgt dat bij de terbeschikkinggestelde sprake is van een autismespectrumstoornis en schizofrenie. Daarnaast is sprake van een stoornis in cannabisgebruik, welke in remissie is in een gedwongen kader.
Uit ditzelfde advies volgt dat het recidiverisico als hoog wordt ingeschat in geval van beëindiging van het toezicht of de maatregel, maar ook indien het bevel tot verpleging van overheidswege voorwaardelijk wordt beëindigd.
Verlenging
Gelet op de adviezen van FPC [locatie] en van de onafhankelijke rapporteurs en de andere omstandigheden die op de zitting naar voren zijn gekomen, stelt het hof vast dat bij de terbeschikkinggestelde sprake is van een stoornis en dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen verlenging van de terbeschikkingstelling eist.
Duur van de verlenging
Het hof heeft als uitgangspunt dat de terbeschikkingstelling verlengd dient te worden met een termijn van twee jaren wanneer aannemelijk is geworden dat de behandeling en resocialisatie van de terbeschikkinggestelde in het bestaande juridische kader meer tijd in beslag zal nemen dan de tijd die resteert bij een verlenging van met een termijn van een jaar. Het hof ziet in dit geval – anders dan de rechtbank – aanleiding om van dit uitgangspunt af te wijken.
Het hof heeft allereerst in aanmerking genomen dat beide onafhankelijke rapporteurs in het kader van de zogenaamde ‘vier jaren’ verlenging adviseren te verlengen met een termijn van een jaar. De terbeschikkinggestelde is een
first offenderdie inmiddels meer dan twaalf jaar wordt verpleegd voor psychische problematiek die chronisch van aard is. De behandeling heeft zich gericht op de preventie van het indexdelict onder 1A t/m 1D (in de kern belaging van zijn ex-vriendin). De gevaarsinschatting in de rapportages varieert enigszins.
Deze omstandigheden in onderling verband en samenhang bezien, brengen het hof ertoe de verlenging tot een jaar te beperken. Op die wijze kan zicht worden gehouden of bij enige uitbouw van de verlofmogelijkheden de mogelijkheid om de terbeschikkinggestelde onder te brengen in een 24-uurs voorziening van de reguliere GGZ daadwerkelijk is te realiseren.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigtde beslissing van de rechtbank Midden-Nederland, zittingsplaats Lelystad, van 27 oktober 2025 met betrekking tot de terbeschikkinggestelde
[terbeschikkinggestelde].

Verlengt de terbeschikkingstelling met een termijn van een jaar.

Aldus op 26 februari 2026 beraadslaagd en beslist door
mr. O.G. Schuur, voorzitter,
mr. M. Keppels en mr. P.C. Vegter, raadsheren,
en dr. W.J. Canton en drs. I.A.M. Breukel, raden,
in tegenwoordigheid van mr. I.M.G. van der Lee, griffier,
en vervolgens schriftelijk vastgelegd en op 12 maart 2026 in het openbaar uitgesproken.
De raden zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.