ECLI:NL:GHARL:2026:187
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Wijma
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen beslissing kantonrechter inzake proceskostenvergoeding bij Wahv-sanctie
De betrokkene werd als kentekenhouder gesanctioneerd voor een ondeugdelijke hulpkoppeling aan het voertuig, met een boete van €150,- die door de kantonrechter werd gematigd tot €112,50 wegens termijnoverschrijding. De betrokkene stelde hoger beroep in tegen deze beslissing, met name gericht op het niet toekennen van een proceskostenvergoeding voor de tweede telefonische hoorzitting bij de officier van justitie.
De kantonrechter had het beroep gedeeltelijk gegrond verklaard en de sanctie gematigd, maar de proceskostenvergoeding voor de tweede hoorzitting niet toegekend. Het hof oordeelt dat dit onterecht is, omdat de gemachtigde van de betrokkene tijd en moeite heeft geïnvesteerd in voorbereiding en aanwezigheid bij deze hoorzitting. Het hof vernietigt daarom het besluit van de kantonrechter voor zover het de proceskostenvergoeding betreft en kent alsnog een vergoeding toe.
De proceskostenvergoeding wordt berekend aan de hand van punten toegekend voor het indienen van het administratief beroepschrift, het beroepschrift bij de kantonrechter en het hoger beroep, met een wegingsfactor passend bij de lichte aard van de zaak. De advocaat-generaal wordt veroordeeld tot betaling van €1.073,10 aan proceskosten aan de betrokkene.
Het hof bevestigt verder de beslissing van de kantonrechter voor het overige, waaronder de gematigde sanctie. De betrokkene had aangevoerd dat de ambtenaar zich de gedraging niet kon herinneren, maar het hof acht de verklaring van de ambtenaar voldoende betrouwbaar om de gedraging vast te stellen.
Uitkomst: Het hof kent alsnog een proceskostenvergoeding toe voor de tweede telefonische hoorzitting en bevestigt de overige beslissingen van de kantonrechter.