4.1De moeder is in hoger beroep gekomen van de beschikking van 9 juli 2025. Zij verzoekt het hof om die beschikking te vernietigen en opnieuw beschikkende:
- primair voor recht te verklaren dat [de minderjarige] zijn gewone verblijfplaats en zijn hoofdverblijf heeft bij zijn moeder in België;
- subsidiair, voor zover vereist, haar vervangende toestemming te verlenen om in
België te blijven wonen; en te bepalen dat [de minderjarige] zijn hoofdverblijf bij haar heeft;
De volgende zorgregeling/vakantieregeling vast te stellen, voor zover blijkt dat dit mogelijk is na advies in het kader van het huiselijk geweld:
a. [de minderjarige] verblijft om het weekend van vrijdag na school, rekening houdend met de
avondspits, tot zondagavond 19:00 uur, waarbij de moeder hem op vrijdag naar vader brengt en de vader hem op zondag naar moeder brengt;
b. [de minderjarige] heeft eenmaal per twee weken op woensdag omgang met de vader in België in de week volgend op het weekend waarin omgang is geweest;
c. [de minderjarige] verblijft voor de vakantie bij de vader:
- De herfstvakantie
- De eerste week van de Kerstvakantie (en dus ook de Kerstdagen), in de even jaren en tijdens de tweede week van de Kerstvakantie (en dus ook Oud & Nieuw), in de oneven jaren.
- De voorjaarsvakantie;
- De eerste week van de meivakantie, in de even jaren en tijdens de tweede week van de
meivakantie, in de oneven jaren;
- 5 weken van de zomervakantie, te verdelen in de eerste twee weken van de zomervakantie,
bij de vader, dan 3 weken bij de moeder, dan drie weken bij vader en de laatste week bij de
moeder;
- te bepalen dat de vader 2 maal per week (video)bel contact heeft met [de minderjarige]
- te bepalen dat de moeder aanspraak maakt op alle financiële vergoedingen die de vader ontvangt en heeft ontvangen ten behoeve van [de minderjarige] ;
en bij wege van zelfstandig verzoek, ex artikel 810a lid 2 en lid 3 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) een deskundigenonderzoek te gelasten op kosten van de het Rijk;
en een bijzondere curator te benoemen.
Bij wege van zelfstandig verzoek
Wanneer het hof de beschikking terzake de beëindiging van het gezag bekrachtigt, te bepalen
a. [de minderjarige] verblijft om het weekend van vrijdag na school, rekening houdend met de
avondspits, tot zondagavond 19:00 uur, waarbij de vader op vrijdag naar moeder brengt en
de moeder zondag naar vader brengt;
b. [de minderjarige] eenmaal per twee weken op woensdag omgang met de moeder heeft in Nederland
in de week volgend op het weekend waarin omgang is geweest;
c. [de minderjarige] voor de vakantie bij de moeder verblijft:
De herfstvakantie;
De eerste week van de Kerstvakantie (en dus ook de Kerstdagen), in de even jaren en tijdens
de tweede week van de Kerstvakantie (en dus ook Oud & Nieuw), in de oneven jaren.
De voorjaarsvakantie;
De eerste week van de meivakantie, in de even jaren en tijdens de tweede week van de
meivakantie, in de oneven jaren;
4 weken van de zomervakantie, te verdelen in de eerste drie weken van de zomervakantie,
bij de moeder, dan 2 weken bij de vader, dan en de laatste week bij de moeder.
d. De moeder 2 maal per week (video)bel contact heeft met [de minderjarige] ,
althans de beslissing te nemen die het hof juist acht.