Uitspraak
[verdachte] ,
Hoger beroep
Onderzoek van de zaak
Het vonnis
Tenlastelegging
Vrijspraak
Was die man kaal?”) en de mededeling van getuige [getuige] (“
Dan weten wij wie dat is”) gestuurd in haar herkenning. De herkenning is dan ook ongeschikt om voor het bewijs gebruikt te worden. Daar komt nog bij dat aangeefster zelf heeft verklaard dat zij met haar linkeroog niets ziet en met haar rechteroog slechts voor de helft, het buiten donker was en zij onder invloed van alcohol was toen het incident plaatsvond. Bovendien vormt de conclusie dat geen DNA van verdachte, en wel van minimaal één andere man, is aangetroffen op de broek en de bh van aangeefster een zeer sterke contra-indicatie voor zijn betrokkenheid.
wathaar is overkomen is duidelijk en gedetailleerd en haar verklaring wordt op dat onderdeel ondersteund door de verklaringen van getuigen [getuige] en [getuige] , die kort na het incident ter plaatse kwamen. [getuige] en [getuige] hoorden aangeefster hysterisch gillen en om hulp roepen. Toen zij haar aantroffen was ze in paniek, heel erg aan het huilen en vertelde zij direct dat ze was aangerand.