Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHARL:2026:2584

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
24 april 2026
Publicatiedatum
24 april 2026
Zaaknummer
21-003058-25
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8 Wegenverkeerswet 1994Art. 9 Wegenverkeerswet 1994Art. 14a Wetboek van StrafrechtArt. 14b Wetboek van StrafrechtArt. 14c Wetboek van Strafrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep wegens rijden met ongeldig rijbewijs en rijden onder invloed met strafmatiging

Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft op 24 april 2026 uitspraak gedaan in hoger beroep tegen een vonnis van de politierechter te Groningen. Verdachte werd beschuldigd van driemaal rijden met een ongeldig verklaard rijbewijs en tweemaal rijden onder invloed van alcohol met aanzienlijke overschrijdingen van de wettelijke limiet.

De politierechter legde een taakstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf op, maar het hof vernietigde dit vonnis en deed opnieuw recht. Het hof veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van 12 weken, waarvan 6 weken voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar, en een ontzegging van de rijbevoegdheid voor 14 maanden. De inbeslaggenomen BMW werd verbeurd verklaard.

Bij de strafoplegging hield het hof rekening met de ernst van de feiten, de eerdere veroordelingen van verdachte voor soortgelijke delicten, en de persoonlijke omstandigheden. Verdachte is arbeidsongeschikt, erkent zijn fouten, volgt AA-bijeenkomsten en zorgt samen met zijn vriendin voor hun jonge dochter. Gezien deze positieve ontwikkelingen achtte het hof een onvoorwaardelijke gevangenisstraf niet langer passend en legde een taakstraf van 180 uren op, subsidiair 90 dagen hechtenis, met een voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand en een proeftijd van 3 jaar.

De straf is gebaseerd op diverse artikelen uit het Wetboek van Strafrecht en de Wegenverkeerswet 1994. Het hof sprak verdachte vrij van niet bewezen verklaarde feiten en bevestigde de strafbaarheid van de bewezenverklaarde feiten.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot taakstraf, voorwaardelijke gevangenisstraf en ontzegging rijbevoegdheid met verbeurdverklaring van auto.

Uitspraak

Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-003058-25
Uitspraakdatum: 24 april 2026
TEGENSPRAAK
Verkort arrestvan de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Nederland, zittingsplaats Groningen, van 26 juni 2025 in de in eerste aanleg gevoegde strafzaken, parketnummers 96-283671-24 en 96-211750-24, 96-293294-24, tegen

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1978 in [plaats] ,
wonende te [woonplaats] .

Hoger beroep

Verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Nederland.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 10 april 2026 en het onderzoek op de terechtzitting bij de politierechter.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot:
  • veroordeling van verdachte voor het tenlastegelegde onder parketnummer 96-283671-24, het tenlastegelegde onder 1 en 2 inzake parketnummer 96-293294-24 en het tenlastegelegde onder 1 en 2 inzake parketnummer 96-211750-24 tot een taakstraf van 180 uren, subsidiair 90 dagen hechtenis, alsmede een voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand, met een proeftijd van 3 jaren, en een ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur van 12 maanden;
  • verbeurdverklaring van de onder verdachte inbeslaggenomen auto van het merk BMW, met het kenteken [kenteken] .
Deze vordering is na voorlezing aan het hof overhandigd.
Verder heeft het hof kennisgenomen van wat verdachte en zijn raadsman, mr. M. Kuipers, hebben aangevoerd.

Het vonnis

Bij het hierboven genoemde vonnis, waartegen het hoger beroep is gericht, heeft de politierechter:
  • verdachte veroordeeld voor het tenlastegelegde onder parketnummer 96-283671-24, het tenlastegelegde onder 1 en 2 inzake parketnummer 96-293294-24 en het tenlastegelegde onder 1 en 2 inzake parketnummer 96-211750-24 tot een gevangenisstraf van 12 weken, waarvan 6 weken voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren, alsmede een ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur van 14 maanden;
  • de onder verdachte inbeslaggenomen auto van het merk BMW, met het kenteken [kenteken] , verbeurdverklaard.
Het hof legt aan verdachte een andere straf op. Het hof vernietigt daarom het vonnis en doet opnieuw recht.

Tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:
Zaak met parketnummer 96-283671-24:
hij op of omstreeks 17 november 2023 te [plaats] terwijl hij wist of redelijkerwijs moest weten dat een op zijn naam gesteld rijbewijs voor een of meer categorieën van motorrijtuigen, te weten B, ongeldig was verklaard en aan hem daarna geen ander rijbewijs voor het besturen van een motorrijtuig van de betrokken categorie of categorieën was afgegeven, op de weg, de A28, als bestuurder een motorrijtuig, (bedrijfsauto (bestelauto)), van die categorie of categorieën heeft bestuurd.
Zaak met parketnummer 96-293294-24 (gevoegd):
1.
hij op of omstreeks 10 september 2024 te [plaats] , als bestuurder van een motorrijtuig, (personenauto), dit voertuig heeft bestuurd, na zodanig gebruik van alcoholhoudende drank, dat het alcoholgehalte in zijn adem bij een onderzoek, als bedoeld in artikel 8, tweede lid, aanhef en onder a van de Wegenverkeerswet 1994, 575 microgram, in elk geval hoger dan 220 microgram, alcohol per liter uitgeademde lucht bleek te zijn.
2.
hij op of omstreeks 10 september 2024 te [plaats] terwijl hij wist of redelijkerwijs moest weten dat een op zijn naam gesteld rijbewijs voor een of meer categorieën van motorrijtuigen, te weten B, ongeldig was verklaard en aan hem daarna geen ander rijbewijs voor het besturen van een motorrijtuig van de betrokken categorie of categorieën was afgegeven, op de weg, [straat] , als bestuurder een motorrijtuig, (personenauto), van die categorie of categorieën heeft bestuurd.
Zaak met parketnummer 96-211750-24 (gevoegd):
1.
hij, op of omstreeks 26 februari 2024 te [plaats] , gemeente [gemeente] terwijl hij wist of redelijkerwijs moest weten dat een op zijn naam gesteld rijbewijs voor een of meer categorieën van motorrijtuigen, te weten categorie B, ongeldig was verklaard en aan hem daarna geen ander rijbewijs voor het besturen van een motorrijtuig van de betrokken categorie of categorieën was afgegeven, op de weg, [straat] , als bestuurder een motorrijtuig, (personenauto), van die categorie of categorieën heeft bestuurd.
2.
hij, op of omstreeks 26 februari 2024 te [plaats] , gemeente [gemeente] , als bestuurder van een motorrijtuig, (personenauto), dit voertuig heeft bestuurd, na zodanig gebruik van alcoholhoudende drank, dat het alcoholgehalte in zijn adem bij een onderzoek, als bedoeld in artikel 8, tweede lid, aanhef en onder a van de Wegenverkeerswet 1994, 640 microgram, in elk geval hoger dan 220 microgram, alcohol per liter uitgeademde lucht bleek te zijn.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Bewezenverklaring

Het hof acht op grond van de inhoud van wettige bewijsmiddelen, wettig en overtuigend bewezen dat verdachte - die alle feiten volmondig heeft bekend - het in de zaak met parketnummer 96-283671-24 en in de zaak met parketnummer 96-293294-24 onder 1 en 2 en in de zaak met parketnummer 96-211750-24 onder 1 en 2 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:
Zaak met parketnummer 96-283671-24:
1.
hij op 17 november 2023 te [plaats] terwijl hij wist dat een op zijn naam gesteld rijbewijs voor een of meer categorieën van motorrijtuigen, te weten B, ongeldig was verklaard en aan hem daarna geen ander rijbewijs voor het besturen van een motorrijtuig van de betrokken categorie was afgegeven, op de weg, de A28, als bestuurder een motorrijtuig, (bedrijfsauto (bestelauto)), van die categorie of categorieën heeft bestuurd.
Zaak met parketnummer 96-293294-24 (gevoegd):
1.
hij op 10 september 2024 te [plaats] , als bestuurder van een motorrijtuig, (personenauto), dit voertuig heeft bestuurd, na zodanig gebruik van alcoholhoudende drank, dat het alcoholgehalte in zijn adem bij een onderzoek, als bedoeld in artikel 8, tweede lid, aanhef en onder a van de Wegenverkeerswet 1994, 575 microgram, in elk geval hoger dan 220 microgram, alcohol per liter uitgeademde lucht bleek te zijn.
2.
hij op 10 september 2024 te [plaats] terwijl hij wist dat een op zijn naam gesteld rijbewijs voor een of meer categorieën van motorrijtuigen, te weten B, ongeldig was verklaard en aan hem daarna geen ander rijbewijs voor het besturen van een motorrijtuig van de betrokken categorie was afgegeven, op de weg, [straat] , als bestuurder een motorrijtuig, (personenauto), van die categorie of categorieën heeft bestuurd.
Zaak met parketnummer 96-211750-24 (gevoegd):
1.
hij op 26 februari 2024 te [plaats] , gemeente [gemeente] terwijl hij wist dat een op zijn naam gesteld rijbewijs voor een of meer categorieën van motorrijtuigen, te weten categorie B, ongeldig was verklaard en aan hem daarna geen ander rijbewijs voor het besturen van een motorrijtuig van de betrokken categorie of categorieën was afgegeven, op de weg, [straat] , als bestuurder een motorrijtuig, (personenauto), van die categorie of categorieën heeft bestuurd.
2.
hij op 26 februari 2024 te [plaats] , gemeente [gemeente] , als bestuurder van een motorrijtuig, (personenauto), dit voertuig heeft bestuurd, na zodanig gebruik van alcoholhoudende drank, dat het alcoholgehalte in zijn adem bij een onderzoek, als bedoeld in artikel 8, tweede lid, aanhef en onder a van de Wegenverkeerswet 1994, 640 microgram, in elk geval hoger dan 220 microgram, alcohol per liter uitgeademde lucht bleek te zijn.
Het hof spreekt verdachte vrij van die onderdelen van de tenlastelegging die hierboven niet bewezen zijn verklaard.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde is strafbaar.
Het in de zaak met parketnummer 96-283671-24 en in de zaak met parketnummer 96-293294-24 onder 2 en in de zaak met parketnummer 96-211750-24 onder 1 bewezenverklaarde levert op:
telkens: overtreding van artikel 9, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
Het in de zaak met parketnummer 96-293294-24 onder 1 bewezenverklaarde levert op:
overtreding van artikel 8, tweede lid, onderdeel a van de Wegenverkeerswet 1994 (575 microgram).
Het in de zaak met parketnummer 96-211750-24 onder 2 bewezenverklaarde levert op:
overtreding van artikel 8, tweede lid, onderdeel a van de Wegenverkeerswet 1994 (640 microgram).

Strafbaarheid van verdachte

Verdachte is strafbaar omdat geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die maakt dat verdachte niet strafbaar is.

Oplegging van straf

Standpunt advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd verdachte te veroordelen tot een taakstraf van 180 uren, subsidiair 90 dagen hechtenis, alsmede een voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand, met een proeftijd van 3 jaren en een ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur van 12 maanden. Daarnaast dient de inbeslaggenomen auto te worden verbeurdverklaard.
Standpunt verdediging
De raadsman heeft bepleit om aan verdachte, in verband met de gewijzigde persoonlijke omstandigheden, geen onvoorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen. Verdachte is bereid een taakstraf te verrichten. Met betrekking tot de beslissing omtrent het beslag heeft de raadsman zich gerefereerd aan het oordeel van het hof.
Oordeel hof
Bij het bepalen van de straf houdt het hof rekening met de aard en de ernst van de bewezenverklaarde feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en de persoon van verdachte.
Met betrekking tot de aard en de ernst van de bewezenverklaarde delicten heeft het hof in het bijzonder acht geslagen op:
  • de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komt in het hierop gestelde wettelijk strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd;
  • de omstandigheid dat verdachte zich tweemaal schuldig heeft gemaakt aan het besturen van een personenauto na zodanig gebruik van alcoholhoudende drank dat het alcoholgehalte in zijn adem 640 en 575 microgram alcohol per liter uitgeademde lucht bedroeg. Dit betreffen aanzienlijke overschrijdingen van de wettelijk toegestane limiet. Door onder invloed van alcohol een motorrijtuig te besturen heeft verdachte een ernstig gevaar in het leven geroepen voor de verkeersveiligheid en voor andere weggebruikers, terwijl algemeen bekend is dat alcoholgebruik de rijvaardigheid en het reactievermogen nadelig beïnvloedt;
  • de omstandigheid dat verdachte daarnaast drie keer een auto heeft bestuurd, terwijl hij wist dat zijn rijbewijs ongeldig was. Daarmee heeft verdachte de verkeersveiligheid in gevaar gebracht en verder laten zien zich niets aan te trekken van besluiten van het openbaar gezag die juist met oog op het waarborgen van de verkeersveiligheid worden genomen.
Met betrekking tot de persoon van de verdachte heeft het hof in het bijzonder acht geslagen op:
  • de inhoud van het hem betreffend strafblad van 10 maart 2026, waaruit blijkt dat verdachte eerder onherroepelijk is veroordeeld voor rijden onder invloed van alcohol en rijden met een ongeldig verklaard rijbewijs. Deze eerdere veroordelingen hebben verdachte er kennelijk niet van weerhouden opnieuw verkeersdelicten te plegen.
  • de persoonlijke omstandigheden van verdachte, voor zover daarvan uit het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg en in hoger beroep is gebleken. Verdachte is afgekeurd en ontvangt een arbeidsongeschiktheidsuitkering. Hij is enkele maanden gestopt met het drinken van alcohol en gaat naar AA-bijeenkomsten om te praten over zijn alcoholverslaving. Met zijn huidige vriendin draagt hij de zorg voor hun éénjarige dochter. Verdachte rijdt niet meer auto, maar laat zich, indien nodig, door familieleden brengen.
Het hof acht in beginsel, gelet op de aard en ernst van de feiten, de door de politierechter opgelegde gevangenisstraf voor de duur van 12 weken, waarvan 6 weken voorwaardelijk, in combinatie met een ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur van 14 maanden, passend en geboden. Gelet op de huidige in positieve zin gewijzigde persoonlijke omstandigheden van verdachte en het door hem geuite besef dat zijn handelen fout is geweest acht het hof de oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf niet meer aangewezen.
Alles afwegende acht het hof – zoals gevorderd door de advocaat-generaal – oplegging van een taakstraf van 180 uren, subsidiair 90 dagen hechtenis, alsmede een voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand, met een proeftijd van 3 jaren en een ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur van 12 maanden, passend en geboden.

Beslag

Het in de zaak met parketnummer 96-293294-24 onder 1 en 2 is begaan met betrekking tot het hierna te noemen inbeslaggenomen voorwerp, te weten:
- een personenauto van het merk/type Bmw 3er Reihe; 318i, kleur zwart en kenteken [kenteken] .
Deze auto behoort aan verdachte toe en wordt gelet op het voorgaande verbeurdverklaard. Hierbij is rekening gehouden met de financiële draagkracht van verdachte.

Wetsartikelen

De straf is gebaseerd op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 24, 33, 33a, 57 en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 8, 9, 176 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994.
Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden op het moment van het bewezenverklaarde.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het in de zaak met parketnummer 96-283671-24 en in de zaak met parketnummer 96-293294-24 onder 1 en 2 en in de zaak met parketnummer 96-211750-24 onder 1 en 2 tenlastegelegde heeft begaan.
Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Verklaart het in de zaak met parketnummer 96-283671-24 en in de zaak met parketnummer 96-293294-24 onder 1 en 2 en in de zaak met parketnummer 96-211750-24 onder 1 en 2 bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.
Veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstrafvoor de duur van
1 (één) maand.
Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
3 (drie) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Veroordeelt de verdachte tot een
taakstrafvoor de duur van
180 (honderdtachtig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
90 (negentig) dagen hechtenis.
Ontzegt de verdachte ter zake van het in de zaak met parketnummer 96-283671-24 en in de zaak met parketnummer 96-293294-24 onder 1 en 2 en in de zaak met parketnummer 96-211750-24 onder 1 en 2 bewezenverklaarde de
bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de duur van
12 (twaalf) maanden.
Verklaart verbeurdhet in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerp, te weten:
een personenauto van het merk/type Bmw 3er Reihe; 318i, kleur zwart en kenteken [kenteken] .
Dit arrest is gewezen door mr. A.H. toe Laer, mr. L.T. Wemes en mr. F.E.J. Goffin, in aanwezigheid van de griffier mr. G.A.G. van Essen en is uitgesproken op de openbare zitting van het hof van 24 april 2026.