Uitspraak
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
2.De kern van de zaak
3.De toelichting op de beslissing van het hof
toegevoegd:
zaak 2.)
zaak 1.). In deze procedure heeft [appellant] verzocht om meer pagina’s aan zijn memorie van grieven te mogen besteden. Hij heeft daartoe gesteld dat het vonnis van 23 april 2025 en het vonnis van 13 augustus 2025 op belangrijke punten haaks op elkaar staan en dat daardoor een nadere onderbouwing gewenst is. Aan hem is vervolgens toegestaan een maximaal aantal pagina’s van 35 voor zijn memorie van grieven.
zaak 1.genomen memorie van grieven is [appellant] met zijn grief I (en de daarop in randnummers 22 tot en met 64 gegeven toelichting) expliciet en uitdrukkelijk opgekomen tegen wat de rechtbank in haar aanvullend vonnis van 13 augustus 2025 heeft overwogen en beslist. [appellant] heeft in deze zaak tot slot ook gevraagd dat aanvullend vonnis te vernietigen en daarvoor in de plaats andere beslissingen te nemen. Die mogelijkheid stond voor hem ook open. [2]
zaak 1.) en daartegen een grief heeft opgeworpen, kan hij dat niet opnieuw doen in deze zaak (
zaak 2.). Dat [appellant] de bevoegdheid had om te wachten met zijn grief tot het indienen van een memorie daartoe in
zaak 2.– maar dat niet gedaan heeft – maakt dat niet anders. [appellant] heeft daarmee de mogelijkheid verloren om in
zaak 2. alsnog en opnieuw grieven te richten tegen het aanvullend vonnis van 13 augustus 2025. Dit maakt dat [appellant] daarin niet-ontvankelijk zal worden verklaard.
. [4]
4.De beslissing
- € 373 aan griffierecht
- € 645 aan salaris van de advocaat van [geïntimeerde] (1 procespunt × 0,5 × het toepasselijke tarief II à € 1.290).