Uitspraak
[appellant]en
Deshima.
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
2.De kern van de zaak
onderen
ten zuiden vande schuur van Deshima . [appellant] is veroordeeld om mee te werken aan inschrijving van het rechtsfeit van verjaring in de openbare registers, op straffe van verbeurte van een dwangsom. Die veroordeling is uitvoerbaar bij voorraad verklaard. De tegenvordering van [appellant] is toegewezen in zoverre dat de kantonrechter voor recht heeft verklaard dat
ten noordenvan de schuur van Deshima , de juridische erfgrens overeenkomt met de kadastrale grens. Het door partijen meer of anders gevorderde is afgewezen. De kantonrechter heeft bepaald dat partijen de eigen proceskosten moeten dragen.
3.De feiten
B. REGLEMENT VOOR HET GEBRUIK VAN DE TERREINEN.
REGLEMENT VOOR HET GEBRUIK VAN DE TERREINEN:
onderde schuur van Deshima en een strook grond
ten zuidenvan de schuur van Deshima . Verder is geoordeeld dat
ten noordenvan de schuur, de juridische erfgrens overeenkomt met de kadastrale grens. De kantonrechter heeft [appellant] veroordeeld om mee te werken aan het vastleggen van de verkrijgende verjaring in de openbare registers.
4.De beoordeling
ten noordenvan de schuur van Deshima , de juridische erfgrens gelijk is aan de kadastrale grens. Het gaat alleen nog om de grond
onderde schuur en de grond
ten zuidenvan de schuur.
5.De beslissing
dinsdag 14 juli 2026bij akte in het geding te brengen: het relaas van bevindingen van het Kadaster, opgesteld naar aanleiding van de grensreconstructie die het Kadaster op 26 april 2024 heeft uitgevoerd;
dinsdag 14 juli 2026(a) eventuele nadere bewijsstukken in het geding dient te brengen, (b) zich dient uit te laten over de vragen als vermeld in rov. 4.9 van dit arrest, en (c) zich dient uit te laten over de vraag of zij getuigen wil doen horen;
dinsdag 14 juli 2026moeten laten weten hoeveel getuigen zij wil laten horen, met opgave van de verhinderdagen van die getuigen, van partijen en van hun advocaten. Het hof stelt vervolgens de dag en het tijdstip van het verhoor vast; dat gebeurt ook als de opgave onvolledig is;
een termijn van vier wekenkrijgt voor het indienen van een antwoordakte (met een reactie op de akte van Deshima als bedoeld onder 5.1 en 5.3 en de daarbij door Deshima overgelegde stukken);